HOUSTON - Een Amerikaanse verkenner heeft nieuw bewijs gevonden dat er vroeger water op Mars stroomde. In een grote krater liggen kiezelsteentjes die zijn meegevoerd door het water van een beekje.

Een Amerikaanse verkenner heeft nieuw bewijs gevonden dat er vroeger water op de planeet Mars stroomde. In een grote krater liggen kiezelsteentjes die zijn meegevoerd door het water van een beekje.

''Uit de omvang van de steentjes maken we op dat het water met een snelheid van ongeveer een meter per seconde kabbelde en tussen enkeldiep en heupdiep was'', maakte de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA donderdag bekend.

Sommige steentjes zijn erg rond, wat erop wijst dat ze lang zijn meegevoerd door het water en dus van ver komen. De kleinsten zijn zo groot als zandkorrels, de grootsten lijken qua omvang op golfballen.

''De vorm wijst erop dat ze zijn meegevoerd en de omvang geeft aan dat de steentjes niet kunnen zijn verplaatst door de wind. Ze zijn meegevoerd door de stroom van het water'', aldus de NASA.

De onderzoekers weten niet wanneer de rivier stroomde en hoe lang hij bestond.

Curiosity

De steentjes zijn ontdekt met de verkenner Curiosity. Die landde in augustus in een krater bij de evenaar van Mars. De werkplek is uitgekozen omdat satellieten eerder hadden gemeten dat er mineralen in de grond zitten die alleen onder invloed van water kunnen ontstaan.

Midden in de krater is een kilometershoge berg, die mogelijk is gevormd door afzettingen van het stromende water. Daar kunnen bouwstenen van leven te vinden zijn.

De Curiosity is een rijdend scheikundelaboratorium, dat ongeveer 2 jaar lang het oppervlak omwoelt, rotsen onderzoekt, gassen in de atmosfeer meet en foto's neemt. Wetenschappers willen zo te weten komen of op Mars ooit leven mogelijk is geweest.