Verre sterrenstelsels zorgen voor vuurwerk

AMSTERDAM - Sterrenstelsels in het vroege heelal maakten in hoog tempo nieuwe sterren aan.

Het aanflitsen van fel stralende sterren ging geregeld samen met veel vuurwerk in de vorm van heftige energie-uitbarstingen in de kernen van de stelsels en sterke radiostraling.

Dat heeft een internationaal team van astronomen ontdekt, dat onder leiding van de Groningse astronoom Peter Barthel met de Herschel-satelliet zeventig quasars en radiostelsels - zogeheten actieve sterrenstelsels - in het vroege heelal heeft onderzocht (Astrophysical Journal Letters, 14 september).

Verre actieve stelsels verraden hun aanwezigheid door heldere radio-, ultraviolet-, of röntgenstraling, afkomstig van het 'hongerige', gestaag consumerende zwarte gat in hun kern. Het licht van hun gewone sterren is op deze afstand uiterst zwak.

Ruwe data

Herschel maakt het echter mogelijk deze quasars en radiostelsels ook op infraroodgolflengten waar te nemen. Uit de eerste ruwe data van Barthels onderzoeksprogramma blijkt dat deze stelsels onverwacht sterke infraroodstralers zijn, wat betekent dat er op grote schaal stervorming plaatsvindt.

Gedurende een periode van miljoenen jaren komen er honderden sterren per jaar bij. Ter vergelijking: in onze Melkweg ontstaat gemiddeld één ster per jaar. Dat ook de radiostraling sterk is, houdt in dat de activiteit in de kern hoog is.

Omvang

Het daar aanwezige zwarte gat groeit dus snel, maar door de stervorming neemt ook het sterrenstelsel als geheel in omvang toe. Volgens Barthel kunnen de Herschel-waarnemingen dus verklaren waarom zware sterrenstelsels zware zwarte gaten hebben, en lichte stelsels lichte.

Lees meer over:

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 6.00 uur weten wat het nieuws wordt?

NUwerk

Tip de redactie