AMSTERDAM - Een internationaal onderzoeksteam heeft het licht van een verre supernova-explosie gebruikt om het sterrenstelsel waar de stervende ster deel van uitmaakte 'door te lichten'.

Dat maakte het mogelijk om de chemische samenstelling van het stelsel te onderzoeken.

De supernova behoorde tot een vrij zeldzame categorie van exploderende zware sterren, die 'ultraheldere' supernova's worden genoemd.

Dankzij hun grote helderheid zijn zulke supernova's waarneembaar tot op grote afstanden: in dit geval voltrok de explosie zich in een sterrenstelsel op een afstand van ongeveer 9,5 miljard lichtjaar. Het gas in het sterrenstelsel heeft duidelijke 'vingerafdrukken' achtergelaten in het spectrum van deze supernova.

Daaruit kan worden afgeleid dat het interstellaire gas in het stelsel er 'vertrouwd' uitzien, dat wil zeggen: qua samenstelling niet al te veel afwijkt van sterrenstelsels in onze naaste omgeving. Uit de ultraviolette straling die het stelsel zelf uitzendt, kan worden afgeleid dat het een populatie van miljarden jonge sterren bevat.