MOSKOU - De twaalf Russische wetenschappers die sinds woensdag in nood verkeerden op een ijsschots in de Noordelijke IJszee tussen Spitsbergen en Groenland, zijn gered. Zij zijn aan boord genomen door een helikopter, die ook de twee honden van de expeditieleden heeft opgepikt. Dit heeft de leiding van de reddingsoperatie zaterdagmiddag meegedeeld.

Twee helikopters kwamen zaterdag na een tocht in het donker bij de schots aan. Omdat het ijs te dun was, konden de toestellen er niet op landen, ook niet het lichtste. Mensen en honden werden omhoog gehesen voor de achthonderd kilometer lange vlucht naar vaste grond. De heli zou zaterdagavond op Spitsbergen aankomen.

Uitrusting

De tweede helikopter, die niet op de ijsschots kan landen, had als opdracht de uitrusting van de wetenschappers in veiligheid te brengen. Dat moet gebeuren terwijl de helikopter boven de ijsschots hangt. Of dat gaat lukken is niet zeker omdat de weerssituatie in het gebied volgens de Russische meteorologische dienst Rosgidromet snel verslechtert.

De Russische expeditie bestudeerde het klimaat en voerde experimenten uit toen een ruim tien meter hoge muur van kruiend ijs woensdag hun post en het grootste deel van hun uitrusting verpletterde. De onderzoekers bleven ongedeerd en wisten zich met wat nooduitrusting in leven te houden bij een temperatuur van ongeveer 25 graden onder nul.

Onderzoeksbasis

De onderzoeksbasis - Noordpoolstation 32 - was in april ingericht. Sinds die tijd heeft het station meer dan 3000 kilometer afgelegd. De restanten bevinden zich momenteel op zevenhonderd kilometer van de Noordpool. Het oorspronkelijke plan behelsde beëindiging van het onderzoek op 20 maart.