AMSTERDAM - Alle zeevis die momenteel rondzwemt in de oceanen, stamt hoogstwaarschijnlijk af van zoetwatervissen.

Dat stellen Amerikaanse biologen op basis van een groot onderzoek naar de diversiteit van de straalvinnigen, een klasse die 96 procent van de vissoorten omvat.

De biologen van de Universiteit van Stony Brook Universiteit in New York publiceren deze bevinding in Proceedings of the Royal Society B.

Hoornachtige structuren

Straalvinnigen zijn vissen met been- of hoornachtige structuren in hun vinnen. De andere klasse van vissen, kwastvinnigen, heeft een vleesachtige vinstructuur.

De Amerikanen startten hun onderzoek naar de visdiversiteit uit verwondering over de lage biodiversiteit in de wereldzeeën. Het land bestrijkt maar dertig procent van het aardoppervlak, en herbergt toch 70-85 procent van de soorten.

Fossielen

Ook vergeleken met zoetwatermeren en rivieren huisvesten de oceanen relatief weinig soorten: met een veel kleiner oppervlak bevat het zoete water op aarde voor zover bekend 15.150 soorten, de oceanen 14.740.

De Amerikanen reconstrueerden het ontstaan van de soorten die vallen onder de straalvinnigen aan de hand van nog levende vissoorten en fossielen. Daarbij vergeleken ze eigenschappen en voerden ze genetische analyses uit. Ze concludeerden op basis daarvan dat alle zoutwaterstraalvinnigen afstammen van zoetwaterstraalvinnigen en ongeveer 180 miljoen jaar geleden ontstaan zijn.

De allereerste vissoorten ontstonden wel in de oceaan. De Amerikanen vermoeden dat deze oorspronkelijke zeevissoorten honderden miljoenen jaren geleden zijn uitgestorven, doordat de omstandigheden in zee plotseling onleefbaar werden. Later koloniseerden vissen afkomstig uit zoetwater de oceanen opnieuw.

Ongunstig

Collega-onderzoekers stelden pas nog dat de oceanen mogelijk minder soorten herbergen dan het land omdat een zoute omgeving ongunstig zou zijn voor dierlijk leven. Hiervoor vonden de Amerikanen geen aanwijzingen.