AMSTERDAM - De grootste maan van de planeet Saturnus, Titan, zendt net zoveel warmte uit als dat hij van de zon ontvangt.

Dat blijkt uit onderzoek van Amerikaanse wetenschappers dat in Geophysical Research Letters is gepubliceerd.

Om het weer en klimaat op een planeet als de aarde te begrijpen, moeten wetenschappers de globale energiebalans kennen - de balans tussen de energie die afkomstig is van de zon en de warmte-energie die de planeet terug de ruimte in straalt.

Sommige planeten, zoals Jupiter en Saturnus, stralen meer energie uit dan ze absorberen, wat erop wijst dat ze een interne warmtebron hebben. De aarde daarentegen is vrijwel in evenwicht. Dat laatste blijkt dus ook te gelden voor Titan - de enige maan in het zonnestelsel met een dichte atmosfeer.

De hoeveelheid energie die Titan absorbeert is gemeten met verschillende telescopen en ruimtevaartuigen, de uitgezonden energie door instrumenten aan boord van de NASA-ruimtesonde Cassini. Binnen de meetfout zijn de beide hoeveelheden gelijk.