UTRECHT – De moderne mens heeft zich vierhonderdduizend jaar geleden als eerste weten te verspreiden over het Midden-Oosten als direct gevolg van het lokaal uitsterven van de olifant.

Pas later zou dit ook in Afrika zijn gebeurd.

Dit beweren onderzoekers van de Universiteit van Tel Aviv in een publicatie in het wetenschapsblad PLoS ONE, op basis van archeologisch onderzoek in de Qesem-grotten, in Noordwest-Israel.

Olifanten stonden juist duizenden jaren hoog op het menu van de primitieve mensachtige homo erectus. De grote en makkelijk te vangen prooidieren zouden 60 procent van de jachtopbrengst hebben geleverd.

Intelligenter

Kort na het uitsterven van de olifanten in het gebied maakt deze homo erectus echter plaats voor een modernere mensachtige, zo schrijven de onderzoekers. Uit skeletonderzoek leidden ze af dat deze mensen lichter gebouwd, wendbaarder en waarschijnlijk intelligenter waren.

Met deze eigenschappen hadden de nieuwkomers een concurrentievoordeel, waardoor zij konden overschakelen op kleinere en snellere prooidieren. Zo werden de zwaardere oermensen van het toneel verdreven.

Out of Africa

De Israëliërs denken dat het geen toeval was – en dat het lokaal uitsterven van olifanten op meer plaatsen een startschot is geweest voor de verspreiding van de moderne mens. Zo zou dit volgens hen ook in grote delen van Afrika zijn gebeurd, echter pas tweehonderdduizend jaar later.

Ze stellen dan ook dat hun archeologische vondsten mogelijk aantonen dat de moderne mens zijn oorsprong in het Midden-Oosten heeft – en niet in Afrika, zoals meestal wordt aangenomen.