AMSTERDAM - De Amerikaanse ruimtesonde Dawn is met succes in een lage omloopbaan rond de grote planetoïde Vesta gemanoeuvreerd.

Dawn werd in 2007 gelanceerd en kwam op 15 juli 2011 aan in een baan rond Vesta.

De afgelopen tijd bevond hij zich op een gemiddelde hoogte van 680 kilometer boven het pokdalige oppervlak van het hemellichaam; de komende tien weken bedraagt de gemiddelde hoogte slechts 210 kilometer.

Zwaartekrachtsmetingen

In deze Low Altitude Mapping Orbit zullen vooral veel metingen worden verricht aan de elementaire samenstelling van het oppervlak (met behulp van de Gamma Ray and Neutron Detector van de ruimtesonde), en aan de inwendige structuur (door middel van precieze zwaartekrachtsmetingen).

De camera's van Dawn zullen incidenteel ook gebruikt kunnen worden om detailopnamen te maken van bepaalde delen van het oppervlak.

Eind februari wordt Dawn weer in de hogere omloopbaan gebracht. Tegen die tijd wordt ook het noordelijk halfrond van Vesta door de zon beschenen - tot nu toe was dat onzichtbaar. In juli 2012 vertrekt Dawn richting dwergplaneet Ceres, het grootste hemellichaam in de planetoïdengordel. Daar zal de succesvolle ruimtesonde in februari 2015 aankomen.

Overigens zijn wetenschappers van het Dawn-project van mening dat Vesta vanwege zijn gelaagde structuur en 'planetaire' eigenschappen niet geklassificeerd zou moeten worden als planetoïde, maar eerder als protoplaneet, dwergplaneet of zelfs als kleinste aardse planeet in het zonnestelsel.