AMSTERDAM - Ervaren golfers putten goed, ondanks dat ze de afstand tussen het balletje en de hole verkeerd inschatten. Hun beweging is onbewust gestuurd, waardoor bewust bepalen hoe te putten vaak zelfs averechts werkt.

Dat stelt (pdf) onderzoeker Wim van Lier, die op 7 december promoveert aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Van Lier liet golfers van verschillende afstanden op de green, het glad gemaaide grasveldje waarop de hole zich bevindt, proberen de bal in de hole te slaan.

Tijdens dit 'putten' onderzocht hij waar zij naartoe keken en hoe ze de richting en afstand tot de hole inschatten. Meestal keken ze naar het balletje, maar uit het onderzoek bleek dat kijken naar de hole beter werkt.

Dichtklapbril

Het inschatten van de afstand en richting tot de hole bleek trainbaar, maar verbeterde de prestaties niet. Effectiever is het trainen van de onbewuste sturing van bewegingen.

Dat bleek uit testen waarbij Van Lier de golfers liet putten met een bril op die dichtklapte wanneer de bal begon te rollen, waardoor ze niet konden zien of ze goed hadden gemikt. Daarvan ging de prestatie wel omhoog. Putten op gevoel dus.

Dit komt overeen met een recent neurowetenschappelijk model dat stelt dat het visuele systeem bestaat uit twee systemen, waarbij de een gespecialiseerd is in de bewuste waarneming van de omgeving, terwijl de andere zich bezig houdt met de onbewuste sturing van bewegingen.

Yips

Dat te veel bewust nadenken over de slag of afstand golfprestaties kan verminderen is al langer bekend. Er bestaat zelfs een term voor: de yips. Maar er werd nog wel vanuit gegaan dat het trainen van het visuele systeem in de wedstrijden vruchten zou kunnen afwerpen.

Van Lier pleit voor een andere manier van lesgeven, vooral bij ervaren golfers: minder aandacht voor de techniek, meer voor het doel van de beweging. Van Lier raadt aan om te trainen in die onbewuste modus te komen, door bijvoorbeeld af te tellen of te zingen.

'Wanneer je golfers vraagt waarmee ze bezig zijn tijdens de wedstrijd, zegt 99 procent: hun techniek. Dat werkt vaak storend op het onbewust uitvoeren van de beweging.'