UTRECHT - De fraude van wetenschapper Diederik Stapel heeft het aanzien van de Nederlandse universiteiten niet geschaad.

Dat zei voorzitter van de vereniging van universiteiten VSNU Sijbolt Noorda vrijdag.

Hij deed dat na afloop van een lezing over het aanzien van de Nederlandse universiteiten in de laatste 20 jaar.

''De zaak rond Stapel is natuurlijk verdomd vervelend, maar heeft ook duidelijk gemaakt dat universiteiten dit soort gevallen goed aanpakken. Dat dit soort gedrag absoluut niet kan'', aldus Noorda.

Extreem

Eens in de drie à vier jaar wordt elke universiteit geconfronteerd met een situatie waarbij niet alles volgens de regels gaat, volgens Noorda. ''Maar het geval-Stapel was extreem, dat was meteen duidelijk’’, voegde hij daar direct aan toe. ''Vooral omdat hij ook jonge onderzoekers erin meetrok. Dat vind ik nog erger dan de fraude zelf.’’

Noorda sprak vrijdag tijdens een bijeenkomst van het Descartes Centre in Utrecht over het aanzien van de Nederlandse universiteiten door de eeuwen heen. De VSNU-voorzitter richtte zich daarbij specifiek op de laatste decennia.

Beeldvorming

Daarvoor bestudeerde hij een aantal onderzoeken, waaruit naar voren kwam dat de beeldvorming over universiteiten sterk bepaald is door de tegenstellingen tussen de Haagse politiek en de universiteiten.

''Telkens als er een nieuw regeerakkoord is, trekken de plannen met de universiteiten de aandacht. De regering wil orde op zaken stellen en de universiteiten stribbelen tegen: ‘Dat kan zo niet! Dat gaat schade aanrichten!’. Na een tijdje gaat die storm weer liggen en wordt het rustig, tot het volgende regeerakkoord. Dan begint het allemaal opnieuw’’, aldus Noorda.