BAARN - Een infectie met de parasiet Toxoplasma gondii, beter bekend als toxoplasmose, beïnvloedt de productie van dopamine. Dit is een belangrijke boodschapper in de hersenen.

Hoewel het onderzoek, aan de University of Leeds, is uitgevoerd bij knaagdieren, denken de onderzoekers dat hun bevinding uiteindelijk kan leiden tot nieuwe behandelingen van bepaalde ziekten bij mensen.

Het gaat dan bijvoorbeeld om neurolische dopamine-gerelateerde aandoeningen als schizofrenie, ziekte van Parkinson en aandachts- en hyperactiviteitstoornissen.

Dopamine

Met toxoplasmose geïnfecteerde ratten en muizen verliezen hun aangeboren angst voor katten, waardoor zij eerder gevangen en opgegeten worden. Op die manier komt de parasiet weer terug bij zijn hoofdgastheer en kan die zijn levenscyclus afronden. Uit het onderzoek blijkt nu dat de T. gondii de productie en afscheiding van dopamine in de geïnfecteerde hersencellen verhoogt.

Dopamine is een natuurlijke chemische stof, die als boodschapper functioneert bij de hersencontrole over bewegingen en gedrag. Daarnaast ondersteunt het de beloningscentra in de hersenen en reguleert het emotionele reacties zoals angst.

Katten

Toxoplasmose is een infectieziekte die ontstaat na infectie met T. gondii. De parasiet komt vooral voor bij katachtige dieren. Mensen komen vooral in aanraking met deze parasiet door bijvoorbeeld de kattenbak te verschonen, tuinieren en rauw of onvoldoende verhit vlees eten. Alle katten raker ermee besmet, maar ze zijn slechts enkele weken besmettelijk.

Met het toename van de leeftijd zijn meer mensen besmet met de parasiet: van 17,5 procent op twintigjarige leeftijd tot 70 procent op 65-jarige leeftijd. Na de eerste infectie blijft de parasiet in het lichaam, maar in een niet actieve vorm. Hierdoor ontstaat immuniteit voor de T. gondii.

Meestal leidt infectie tot symptomen van algehele malaise. Voor ongeboren kinderen kan de ziekte wel ernstige gevolgen hebben.