AMSTERDAM - Het kortstondige heldere licht van een verre gammaflits heeft een team van astronomen in staat gesteld om de chemische samenstelling van twee zeer verre sterrenstelsels te onderzoeken.

Verrassend genoeg blijkt uit dit onderzoek, dat is gedaan met de Europese Very Large Telescope, dat de beide stelsels meer zware elementen bevatten dan de zon.

Dat is opmerkelijk, omdat zij door hun grote afstand worden waargenomen op een moment dat het heelal minder dan twee miljard jaar oud was en nog betrekkelijk weinig elementen zwaarder dan helium bevatte. De combinatie van een gammaflits en een hoog gehalte aan zware elementen is waarschijnlijk geen toeval.

Smelten

Het lijkt er namelijk op dat de twee stelsels bezig zijn om samen te smelten. Zo'n gebeurtenis leidt tot de snelle vorming van veel nieuwe sterren, waarvan de zwaarste al snel 'opbranden' en hun korte bestaan afsluiten met een supernova-explosie.

De hevigste van deze explosies kunnen gepaard gaan met een korte uitbarsting van intense gammastraling - een gammaflits dus.

En bij elke supernova-explosie wordt het omringende sterrenstelsel verrijkt met zware elementen. Dat laatste zou dan de bijzondere chemische samenstelling van de onderzochte stelsels kunnen verklaren. Als deze interpretatie van de onderzoeksgegevens juist is, moet het huidige heelal wemelen van de 'uitgeputte' sterrenstelsels die vrijwel uitsluitend bestaan uit zwarte gaten, koele dwergen en andere stellaire overblijfselen. Het opsporen van deze schimmige sterrenstelsels zal echter niet gemakkelijk zijn.