AMSTERDAM - Astronomen hebben, op basis van Hubble-opnamen en computersimulaties, een nieuwe schatting gemaakt van de frequentie waarmee sterrenstelsels de afgelopen acht à negen miljard met elkaar in botsing zijn gekomen.

Zulke botsingen spelen een belangrijke rol bij de evolutie van sterrenstelsels, omdat de betrokken stelsels vaak tot één groter stelsel samensmelten.

Uit de analyse van interacties tussen sterrenstelsels op uiteenlopende afstanden blijkt dat grote exemplaren de afgelopen negen miljard jaar gemiddeld bij één botsing betrokken waren. Kleine (dwerg)stelsels overkwam dat drie keer zo vaak.

Eerdere schattingen kwamen lager of juist hoger uit. Volgens de astronomen die de nieuwe analyse hebben gemaakt, komt dit doordat die schattingen waren gebaseerd op momentopnamen die een onvolledig beeld gaven.

Andere onderzoeken

Bij sommige onderzoeken werd alleen gekeken naar nauwe paren van sterrenstelsels die een botsing nabij leken te zijn, andere onderzoeken inventariseerden alleen vervormde stelsels die al bij een botsing betrokken waren geweest.

Bij het nieuwe onderzoek is gekeken hoe lang het duurt voordat gebotste sterrenstelsels tot rust komen en weer op normale stelsels beginnen te lijken.

Met behulp van computersimulaties werden allerlei botsingsscenario's doorgerekend, waarbij de deelnemende stelsels enkele miljarden werden 'gevolgd'. Aan de hand daarvan kon een veel beter schatting worden gemaakt van het aantal botsingen dat daadwerkelijk optreedt.