AMSTERDAM - De dikte van de Noord-Amerikaanse continentale aardplaat verschilt behoorlijk in dikte. De steilheid van deze 'omgekeerde bergen' toont aan dat de aardkorst sterker is dan voorheen werd gedacht.

Dat ontdekten onderzoekers van Brown Universiteit.

De dikteverschillen zijn in feite omgekeerde bergen aan de onderkant van de plaat, en werden gevonden tijdens het analyseren van een stuk van Zuid-Californië van 120.000 vierkante kilometer groot. Science publiceerde het werk.

Dat de variatie in dikte zo snel verloopt betekent dat de steensoort erg sterk moet zijn. Vedran Lekic, de eerste auteur, legt deze conclusie uit: “Als je een berg van zand maakt, kan die nooit zo stijl worden als wat wij vonden. Met een harde steensoort als graniet kan dat wel, en de aardkorst moet dus van een erg sterk materiaal zijn.”

Tientallen kilometers

De dikteverschillen zijn soms tientallen kilometers, maar met een auto zou je in theorie binnen een uur van het dunste horizontaal naar het dikste punt kunnen rijden.

Het beeld van het ondergrondse landschap werd gevormd door het analyseren van seismische golven. Door veranderingen in gesteenten verandert de golf van karakter, en dat geeft een indirect beeld van waar de ene laag ophoudt, en de andere begint.

Onder de aardkorst begint namelijk de aardmantel, een zachtere, warmere laag gesteente, en wetenschappers willen erg graag weten hoe de wisselwerking tussen die lagen is.

Universeel

De aardkorst zou volgens de resultaten tussen de 40 en 100 kilometer dik moeten zijn. De onderzoekers denken dat de variatie die nu op een relatief klein gebied gemeten is, universeel is voor alle continentale aardplaten.

Het is echter nog niet duidelijk of het verschil komt doordat er op sommige plaatsen extra veel is weggesleten, of doordat er op de dikke plekken juist extra aanwas is.