AMSTERDAM - Bij het leren van een taak blijken hersengolven die worden uitgezonden door het brein langzaam in frequentie af te nemen. Dat hebben Amerikaanse wetenschappers ontdekt.

De afname van hersengolven tegen het einde van een leerproces kan mogelijk worden gezien als een teken dat de hersenen overtollige activiteit uitbannen om gedrag te verfijnen.

Dat meldt het Britse tijdschrift New Scientist op basis van onderzoek aan het Massachusetts Institute of Technology.

De wetenschappers analyseerden de hersengolven van muizen die leerden om door een nieuw doolhof te navigeren. In het begin van het leerproces zond het brein van de dieren snelle gamma-golven uit. 

Maar zodra de muizen de weg leerden kennen, nam de frequentie van de hersenactiviteit met een kwart af. Hun brein produceerde op dat moment veel langzamere beta-golven.

Volgens hoofdonderzoeker Ann Graybiel geeft deze overgang aan wanneer een leerproces heeft geleid tot de vorming van een gewoonte.

Mensen

De resultaten van het experiment zijn gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Proceedings of the National Academy of Sciences. De wetenschappers gaan ervan uit dat menselijke hersenen op dezelfde manier werken tijdens een leerproces.

Ze hopen dat hun bevindingen in de toekomst leiden tot nieuwe methoden om leerprocessen te versnellen. Mogelijk leren mensen bijvoorbeeld sneller als hun brein wordt gestimuleerd om in een vroeg stadium al beta-golven te produceren.