AMSTERDAM - De stervorming in het Melkwegstelsel wordt op gang gehouden door de toevoer van nieuwe brandstof van buitenaf.

Tot die conclusie komen wetenschappers van de universiteit van Notre Dam (VS) in de Science van vrijdag.

Als de voorraad waterstofgas van het Melkwegstelsel niet voortdurend werd aangevuld, zou het snel gedaan zijn met de vorming van nieuwe sterren.

Daarom bestond al het vermoeden dat grote wolken van geïoniseerd gas die op veel plaatsen aan de hemel worden waargenomen ons Melkwegstelsel regelmatig van vers gas voorzien. Metingen met de Cosmic Origins Spectrograph (COS), een van de nieuwste instrumenten van de Hubble-ruimtetelescoop, bevestigen dat vermoeden.

Grote hoeveelheden gas

Met dat instrument zijn voor het eerst de afstanden van een aantal van die snel bewegende gaswolken gemeten. En daaruit blijkt dat zij deel uitmaken van de verre buitengebieden van ons Melkwegstelsel en grote hoeveelheden gas bevatten.

De metingen vormen verder een bevestiging van modellen die voorspelden dat gas dat naar het Melkwegstelsel toe valt, afremt naarmate het dichterbij komt en meer weerstand ondervindt van het daar al aanwezige gas. Gaswolken die zich dichterbij bevinden bewegen inderdaad minder snel dan hun verder weg gelegen soortgenoten.