AMSTERDAM – We weten hoe lang iets duurt doordat neuronen ‘tijdkanaaltjes’ vormen. Die kanalen in ons brein zijn een soort menselijke stopwatch.

Dat vermoedt optometrist James Heron. Hij publiceerde zijn hypothese deze week in het tijdschrift Proceedings of the Royal Society B.

Over ons vermogen om tijd te meten is maar weinig bekend. Het meten van tijdsduur is een zintuiglijke taak, meent Heron. Een speciaal type zintuig-zenuwcellen in ons brein heeft een voorkeur voor waarnemingen van een bepaalde lengte.

Zintuigcellen voor het gehoor, ‘tijdkanaaltjes’, hebben voorkeur voor een bepaalde tijdsduur. 

Vergissingen

Nemen we iets waar dat tien seconden duurt, dan spreekt dat het tijdkanaal aan dat voorkeur heeft voor tien seconde-waarnemingen.

Een autoclaxon activeert bijvoorbeeld het ‘viersecondenkanaal’. Maar we kunnen ons eenvoudig vergissen. Als we gokken dat een auto vier seconden claxonneert, kan het ook drie of vijf seconden zijn.

In de war

Bij precieze metingen raken de tijdkanaaltjes in de war, vertelt Heron aan de VPRO-website Noorderlicht. Het verschil tussen drie, vier en vijf seconden is te klein. Dankzij de kanaaltjes merken we wél dat de wagen niet minutenlang claxonneert.

Met praktische tests wil Heron gaan controleren of zijn vermoeden klopt. Van zoogdieren en amfibieën werd al vermoed dat ze met tijdkanaaltjes meten.

De onderzoeker illustreert zijn hypothese met een testje dat hij aan proefpersonen voorlegde. Hij liet steeds twee geluiden horen. De laatste varieerde telkens in lengte, de eerste niet. Toch dachten de proefpersonen dat het eerste geluid af en toe óók langer of korter duurde.