AMSTERDAM – De kabeljauw mist genen die voor het immuunsysteem ‘onmisbaar’ zijn. De vis compenseert dat met ander genetisch materiaal.

Dat schrijft de Noorse wetenschapper Kjetill Jakobsen in Nature.

De vis mist de genen die MCH-II genoemd worden en in bijna alle gewervelde dieren voorkomen. Ze zorgen ervoor dat het immuunsysteem kwalijke bacteriën en parasieten herkent. Ook twee andere gentypes missen.

Flink ziek

Van MHC-II-genen werd altijd gedacht dat ze, met MHC-I-genen, onmisbaar waren voor een goed immuunsysteem. “Eigenlijk kun je MHC-II niet echt verliezen zonder flink ziek te worden”, vertelt Jakobsen aan Nature.

Ondanks zijn gebreken leeft de kabeljauw doorgaans een gezond leven. Hij compenseert het tekort aan door juist veel MHC-I-genen te hebben.

Auto-immuunziekte

De vinding biedt nieuwe kansen voor mensen met een auto-immuunziekte. Bij immuunfalen valt het afweersysteem het eigen lichaam aan. “Misschien kunnen we het menselijke immuunsysteem nu anders laten werken”, legt Jakobsen aan The Guardian uit.

“Zo zouden we bijvoorbeeld MS-patiënten kunnen behandelen. We kunnen immuniteit straks veel beter begrijpen.”

'Oud nieuws'

Ook de kabeljauw kan profiteren van de vinding. Hij is erg ontvankelijk voor een bepaalde bacterie en wordt veel gevaccineerd. Nieuwe, gerichte medicatie kan effectiever zijn.
Een visexpert bij het wetenschappelijke Britse Centrum voor Klimaat-, Vis- en Aquacultuur is niet onder de indruk. “Het is oud nieuws”, vindt Ioanna Katsaidaki.

“We weten al jaren dat de antilichamen van kabeljauw slecht functioneren. MHC-II gold al langer als de oorzaak.” Volgens Katsaidaki biedt dit onderzoek enkel zekerheid.

De ontdekking komt te laat voor één van de voornaamste immunologen ter wereld. Nobelprijswinnaar Baruj Benacerraf, geroemd voor zijn onderzoek naar ‘immuungenen’, is vorige week overleden.