Neutrino-experiment werpt licht op antimaterie-raadsel

AMSTERDAM - Het MINOS-neutrino-experiment van het Amerikaanse versnellerinstituut Fermilab heeft de Japanse ontdekking bevestigd dat muon-neutrino's af en toe veranderen in 'gewone' elektronneutrino's.

Het gebeurt alleen wel minder vaak dan door de eerdere Japanse proeven werd gesuggereerd. De ontdekking biedt mogelijk inzicht in een onopgelost kosmologisch raadsel: waarom het heelal kort na de oerknal geen gelijke hoeveelheden materie en antimaterie bevatte.

Neutrino's zijn elementaire deeltjes zonder elektrische lading en met een verwaarloosbaar kleine massa. Er zijn drie typen bekend, en tijdens hun bestaan kunnen ze kennelijk van gedaante veranderen.

In het MINOS-experiment (Main Injector Neutrino Oscillation Search) is dat proces nu gedetailleerd bestudeerd. Een zuivere bundel van muon-neutrino's wordt dwars door de aarde heen geschoten naar een detector op 735 kilometer afstand.

Oerknal

Tijdens de reistijd van de neutrino's blijkt een klein deel veranderd te zijn in elektronneutrino's. Mogelijk biedt het transformatieproces meer zicht op een oud antimaterieraadsel in het heelal. Uit de energie van de oerknal zouden gelijke hoeveelheden materie en antimaterie moeten zijn ontstaan.

In dat geval zouden die twee materievormen elkaar echter ook weer hebben geannihileerd, en was er een heelal met alleen maar straling en energie overgebleven.

Dat ons heelal uit materie bestaat, betekent dat er een kleine asymmetrie geweest moet zijn tussen materie en antimaterie. Die is mogelijk veroorzaakt door het gedrag van neutrino's.

Lees meer over:

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 6.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie