AMSTERDAM – Als mensen of dieren honger krijgen, ruiken ze geuren in hun omgeving beter dan wanneer hun maag is gevuld. Dat suggereert een nieuwe studie van Amerikaanse wetenschappers.

Een hormoon dat is betrokken bij het opwekken van eetlust, zorgt ook voor een verbeterde reukzin.

Door de aanmaak van de stof met de naam ghreline zouden mensen geuren niet alleen nauwkeuriger kunnen thuisbrengen, maar ook gemakkelijker aroma’s oppikken in hun omgeving.

Dat meldt nieuwssite Eurekalert op basis van onderzoek aan de Universiteit van Cincinnati.

Spijsvertering

De Amerikaanse wetenschappers vermoeden dat ghreline de reukzin versterkt, omdat mensen dan gemakkelijker bronnen van voedsel kunnen detecteren.

“Deze evolutionaire functie van het hormoon was tot nu toe onbekend”, verklaart hoofdonderzoeker Jenny Tong. "We denken dat ghreline onderdeel uitmaakt van een proces dat er voor zorgt dat we calorieën opmerken in onze omgeving en deze informatie koppelen aan ons lichaamsgewicht en onze spijsvertering.”

Extra dosis

Ghreline komt normaal gesproken vrij als het lichaam van mensen of dieren behoefte heeft aan voedsel en zorgt voor een gevoel van honger.

De wetenschappers kwamen de tweede functie van het hormoon op het spoor door bij een experiment zowel ratten als mensen een extra dosis ghreline toe te dienen. Uit het onderzoek bleek dat ratten die het hormoon in hun lichaam hadden, opeens veel meer geuren oppikten.

Water

Zo vermeden de dieren water met een lage concentratie ziekteverwekkers nadat ze eraan hadden geroken. Ratten die geen extra dosis ghrelin hadden ontvangen, dronken gewoon van het water. Zij leken niets bijzonders te ruiken.

Ook menselijke proefpersonen reageerden op het hormoon. Ze inhaleerden dieper als ze aan substanties moesten ruiken en beweerden ook sterkere geuren op te snuiven dan anders. De resultaten van het onderzoek zijn gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Journal of Neuroscience.

“Deze studie toont aan dat ghreline erg belangrijk is voor de geur en smaak van ons eten”, aldus hoofdonderzoekster Tong.