AMSTERDAM – Chinese wetenschappers hebben ontdekt dat de neurotransmitter serotonine een belangrijke rol speelt bij de ontwikkeling van seksuele voorkeur bij muizen.

Mannelijke muizen die geen signalen van serotonine ontvangen in hun brein, verliezen hun seksuele voorkeur voor vrouwtjes. De dieren tonen volgens onderzoekers van de Universiteit van Peking net zo veel interesse in andere mannetjes als in vrouwtjes. 

Volgens de wetenschappers is nog nooit eerder aangetoond dat een neurotransmitter een rol speelt bij de ontwikkeling van de seksuele voorkeur van zoogdieren. Dat meldt BBC News.

Paringskreet

De wetenschappers kwamen tot hun bevindingen door muizen te kweken met een brein dat niet vatbaar was voor serotonine. De dieren bleken daardoor geen voorkeur te ontwikkelen voor mannetjes of vrouwtjes.

Wanneer er een ander mannetje in hun kooi werd gelaten, lieten de genetisch gemodificeerde muizen vaak paringskreten horen die ze normaal gesproken alleen uitstoten als ze vrouwtjes ontmoeten.

Productie

Bij een tweede experiment kweekten de Chinese wetenschappers mannetjesmuizen die op eigen kracht geen serotonine konden produceren. Hun brein was echter wel gevoelig voor de stof.

Ook deze mannetjes toonden evenveel interesse voor mannetjes en vrouwtjes. Maar wanneer de wetenschappers de dieren kunstmatig serotonine toedienden, ontwikkelden ze toch een voorkeur voor vrouwtjesmuizen. De resultaten van de studie zijn gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Nature.

Mensen

Andere wetenschappers waarschuwen dat de resultaten van het muizenexperiment niet per definitie van toepassing zijn op mensen. Het seksuele gedrag van muizen wordt namelijk veel sterker gedreven door geur.

“Voorlopig moet een veronderstelde link tussen serotonine en de menselijke seksuele voorkeur als tendentieus worden beschouwd”, verklaart de Britse neurowetenschapper Keith Kendrick op BBC News. “Ons gedrag in seksuele context wordt veel minder door geuren beïnvloed dan het gedrag van muizen."