AMSTERDAM – De Bradshaw-rotstekeningen in Australië danken hun felle kleuren aan bacteriën en schimmels die in het pigment leven. Dat hebben wetenschappers vastgesteld.

De beroemde Bradshaw-rotstekeningen die op zestien locaties in Australië zijn te vinden, bevatten kleurrijke bacteriën en schimmels die zich in leven houden door hun voorgangers op te eten.

Dit fenomeen verklaart waarom de rotskunst na tienduizenden jaren nog steeds zeer fel van kleur is.

Tot die conclusie komt hoofdonderzoeker Jack Pettigrew van de Universiteit van Queensland in het wetenschappelijk tijdschrift Antiquity. Hij betitelt de schimmels en bacteriën op de tekeningen als ‘levend pigment’.

Zwarte schimmel

“Deze organismen zijn levend en kunnen zichzelf gedurende vele millenia hebben geregenereerd, waarmee de frisheid van het uiterlijk van deze tekeningen kan worden verklaard”, aldus Pettigrew op BBC News.

De wetenschappers bestudeerden twee van de oudste stijlen van alle Bradshaw-tekeningen en ontdekten in de meerderheid van alle pigmenten verschillende vormen van leven, waaronder een zwarte schimmel en een roodkleurige bacterie.

Water

Volgens de wetenschappers komen deze twee levensvormen vaak gezamenlijk voor. De schimmel produceert namelijk water waar de bacteriën van kunnen leven. De bacteriën maken op hun beurt koolhydraten aan waar de schimmel zich mee voedt.

De Bradshaw-rotstekeningen zijn waarschijnlijk ongeveer 40.000 jaar oud. Maar pogingen om de precieze leeftijd van de verschillende tekeningen te bepalen, zijn tot nu toe op niets uitgelopen.
Volgens de wetenschappers is datering van de kunst lastig, omdat de microben in het pigment relatief jong zijn, in tegenstelling tot de schilderingen zelf.

Datering

“Datering van de individuele tekeningen is cruciaal voor ons verdere begrip van de betekenis”, verklaart Pettigrew. “De ontdekking van de bacteriën biedt ons mogelijk een nieuwe manier om de ouderdom te bepalen.”

“We zouden de leeftijd van de tekeningen kunnen achterhalen door de evolutie van het DNA van de microben te bestuderen. We zijn daar al mee begonnen, maar het zal een erg langdurig project worden.”