AMSTERDAM – Amerikaanse wetenschappers hebben een biologisch mechanisme ontdekt dat er indirect voor zorgt dat genetisch identieke organismen toch verschillende eigenschappen kunnen ontwikkelen.

Een specifiek type RNA zorgt er in combinatie met een veel voorkomend eiwit voor dat organismen normaal gesproken geen schadelijke genetische varianten ontwikkelen.

Als de verhouding tussen deze stoffen in bepaalde cellen uit balans is, kunnen er echter toch onverwachte veranderingen optreden in het uiterlijk van organismen, zonder dat genen daar invloed op hebben.

Dat schrijven onderzoekers van de Universiteit van Yale in het wetenschappelijk tijdschrift Nature Genetics.

Stamcellen

“Dit mechanisme kan helpen verklaren hoe gewone cellen kunnen veranderen in stamcellen en sommige vormen van kanker zomaar kunnen ontstaan”, verklaart hoofdonderzoeker Haifan Lin op nieuwssite Physorg.com.

De theorie dat niet alleen genen verantwoordelijk zijn voor het fenotype (oftewel de waarneembare eigenschappen) van een organisme bestaat al ruim 70 jaar. Vooral in het laatste decennium heeft de hypothese veel aanhangers gekregen. Sommige gekloonde dieren worden bijvoorbeeld geboren met een andere huidskleur dan in hun DNA is opgeslagen.

Vliegen

De Amerikaanse wetenschappers hebben onderzoek gedaan naar dit soort onverklaarbare veranderingen in uiterlijke eigenschappen bij vliegen.

Uit eerder onderzoek is bekend dat vliegen die een eiwit missen met de naam Hsp-90 soms bizarre afwijkingen ontwikkelen. De pootjes van deze diertjes groeien bijvoorbeeld op de plaats waar normaal gesproken hun ogen zitten.

Bescherming

De onderzoekers van de Universiteit van Yale hebben nu ontdekt dat het eiwit Hsp-90 er normaal gesproken samen met een specifiek type RNA voor zorgt dat bepaalde genetische abnormaliteiten niet kunnen ontstaan.

In cellen die minder van dit eiwit of het specifieke RNA bevatten, kunnen volgens de wetenschappers echter toch onverwachte genmutaties ontstaan zonder dat genen daar verantwoordelijk voor zijn.

Abnormaal

“Deze studie laat zien dat we nog veel moeten leren over de meest basale principes van genregulatie”, aldus hoofdonderzoeker Lin. “Dit soort onderzoeken kunnen de puzzelstukjes opleveren die we nodig hebben om het verschil tussen normale ontwikkeling en abnormale genregulatie te begrijpen.”