WASHINGTON - De Amerikaanse regering wil de bescherming verminderen voor de grijze wolf en de grizzlybeer, twee symbolen van de natuur in het Amerikaanse westen.

Het plan stuit op heftig verzet van natuurbeschermers, maar krijgt steun van jagers en boeren, die klagen dat de dieren herten en hun vee aanvallen.

De wolven leven vooral in de staten Montana, Wyoming en Idaho. Ze staan op de lijst van bedreigde diersoorten, waardoor ze daar niet bejaagd mogen worden.

''We werken momenteel aan een plan om de bescherming op te heffen in de drie staten'', zei Dan Strickland, een hooggeplaatste regeringsfunctionaris voor visserij, wildbeheer en parken.

Door een wetsvoorstel in het parlement kan wellicht al eind dit jaar weer op wolven worden gejaagd. In het gebied wonen nu 1700 wolven. Dat zijn er duizend meer dan het federale hersteldoel voor de soort.

Grizzly's

De beren in de regio Yellowstone zouden binnen 18 maanden hun bescherming kunnen verliezen. Het aantal grizzly's is er gestegen van 136 in 1975 naar 600 stuks nu. Dat zijn er al honderd meer dan het streefdoel.

De overheid had al eens eerder bepaald dat wolven en beren niet langer beschermd hoeven te worden. Maar rechters draaiden deze maatregelen terug, nadat natuurbeschermers processen hadden aangespannen.

Klimaatverandering

De beschermers menen onder meer dat de overheid bij het besluit geen rekening had gehouden met de klimaatverandering. Ze betwijfelen ook of een aantal van vijfhonderd beren wel een levensvatbare populatie is.

De activisten betreuren het dat de regering nu via het parlement de normale procedures wil omzeilen. ''Natuurbeheer moet worden gedaan op basis van wetenschap, niet door de politiek'', zei Mike Leahy van de Defenders of Wildlife.