AMSTERDAM - Een internationaal team van sterrenkundigen heeft aanwijzingen gevonden dat de energierijke straling van jonge sterren niet de doorslaggevende factor is bij het stilvallen van de stervorming in kleine sterrenstelsels.

Volgens het oerknalmodel is het heelal begonnen als volledig geïoniseerd plasma, oftewel een mengsel van positief geladen atoomkernen en negatief geladen elektronen.

Pas nadat het heelal flink was afgekoeld, konden deze deeltjes zich samenvoegen tot neutrale atomen. Uit die neutrale materie ontstonden de eerste sterren en sterrenstelsels, die op hun beurt energierijke straling produceerden en de omringende materie opnieuw ioniseerden.

Hubble

Aan die 'herionisatieperiode' kwam ongeveer een miljard jaar na de oerknal een einde. Nieuw onderzoek van een zestal dwergstelsels met behulp van de Hubble-ruimtetelescoop wijst er nu op dat de meeste sterren in deze stelsels ná de herionisatieperiode zijn ontstaan.

Dat bewijst dat herionisatie in elk geval niet, zoals verwacht, de enige reden was waardoor de stervorming in dwergstelsels een miljard jaar na de oerknal stilviel.