AMSTERDAM – Amerikaanse wetenschappers hebben een prehistorische krokodil met een katachtige kop opgegraven, die ruim 100 miljoen jaar geleden op het land leefde.

De resten van het opmerkelijke reptiel met de naam Pakasuchus kapilimai
zijn gevonden in een 105 miljoen jaar oude rotspartij in Tanzania. Vooral de kleine katachtige schedel van de krokodilachtige is erg bijzonder.

De kaken en tanden van het dier lijken meer op het gebit van een zoogdier dan op de bek van een reptiel. Dat schrijven wetenschappers van de Universiteit van Ohio in het wetenschappelijk tijdschrift Nature.

Neusgaten

Ook de neusgaten van het reptiel zijn opvallend. Ze zitten aan de voorkant van de schedel. Bij de meeste krokodillen zitten de neusgaten meer aan de bovenkant, zodat ze adem kunnen halen terwijl ze in het water liggen. De wetenschappers vermoeden dan ook dat het nieuw ontdekte reptiel voornamelijk op het land leefde.

Pakasuchus kapilimai was waarschijnlijk ongeveer 50 centimeter lang van kop tot staart en maakte jacht op insecten en andere kleine landdieren. Zijn dunne, relatief lange poten zouden daarbij goed van pas zijn gekomen.

Handpalm

“Op het eerste gezicht doet deze krokodil erg zijn best om op een zoogdier te lijken”, verklaart hoofdonderzoeker Patrick O’Connor in de Britse krant The Daily Telegraph. “Zijn kop zou in de palm van je hand passen." 

"Als je alleen naar de tanden zou kijken, zou je niet denken dat het om een krokodil ging. Je zou je dan afvragen of je met een vreemd soort zoogdier te maken had”, aldus O' Connor.