AMSTERDAM – Mammoeten hadden speciale eiwitten in hun bloed die hun lichaam ook bij extreme kou van zuurstof konden voorzien. Dat heeft een internationaal team van wetenschappers aangetoond.

De onderzoekers van onder meer de Universiteit van Manitoba in Canada en de Universiteit van Adelaide in Australië brachten het DNA in kaart van drie mammoeten die bewaard zijn gebleven in permafrost in Siberië.

De wetenschappers kwamen enkele genen op het spoor voor de productie van hemoglobine, een eiwit dat zuurstof transporteert door bloed.

Het onderzoeksteam slaagde er in om de betreffende genen van de mammoeten om te zetten in RNA. Dat is een soort kopie van een stukje DNA waarmee eiwitten daadwerkelijk kunnen worden geproduceerd. Door het RNA in te brengen bij de E. coli-bacterie konden de wetenschappers dit organisme uiteindelijk hemoglobine van mammoeten laten produceren.

Extreme kou

Het eiwit van de prehistorische dieren bleek te verschillen van hemoglobine bij olifanten, de nog levende familieleden van mammoeten. Een genetische aanpassing zorgde ervoor dat de hemoglobine van de mammoeten ook bij extreme kou zuurstof door het bloed kon transporteren.

De dieren beschikten daardoor vermoedelijk over een soort ‘antivries-bloed’ dat hen in staat stelde om ook in een ijzig klimaat te kunnen functioneren.

De resultaten van de studie zijn gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Nature Genetics. Volgens de wetenschappers zijn de eiwitten van mammoeten tijdens het onderzoek bijna letterlijk ‘tot leven gewekt’.

Reis in de tijd

“Het is zeer bijzonder om een complex eiwit van een uitgestorven soort weer tot leven te wekken en vervolgens belangrijke veranderingen te ontdekken die niet bekend zijn bij levende soorten”, verklaart onderzoeker Alan Cooper op BBC News.

“Je kunt de geproduceerde hemoglobinemoleculen vergelijken met het terugreizen in de tijd en het nemen van een bloedmonster van een echte mammoet”, aldus onderzoeker Kevin Campbell.