AMSTERDAM - Een nieuw groot onderzoek, onder leiding van Tim Schrabback van de Leidse Sterrewacht, bevestigt dat het heelal versneld uitdijt.

De onderzoekers hebben meer dan 446.000 sterrenstelsels in een klein hemelgebied geïnventariseerd met de Hubble-ruimtetelescoop.

Daarnaast is met telescopen op aarde van 194.000 van deze stelsels de roodverschuiving gemeten - een maat voor hun afstand. De verste stelsels bevinden zich op afstanden van meer dan tien miljard lichtjaar.

Met behulp van de verzamelde gegevens hebben de sterrenkundigen de grootschalige materieverdeling in de ruimte in kaart gebracht. Daarbij hebben ze gebruik gemaakt van het feit dat de afbeeldingen van verre sterrenstelsels een klein beetje vervormd worden door de zwaartekracht van alle tussenliggende zichtbare en (vooral) onzichtbare materie.

Gravitielenseffect

Dit wordt het zwakke gravitatielenseffect genoemd. Een van de conclusies van het onderzoek is dat de uitdijing van het heelal inderdaad steeds meer wordt aangezwengeld door een geheimzinnige component die donkere energie wordt genoemd.

In de begintijd van het heelal, toen de materie nog dicht opeengepakt zat, moest deze donkere energie het nog afleggen tegen de zwaartekracht. Maar naarmate de tijd vorderde, en het heelal groter werd, nam haar invloed toe.

Dat komt onder meer tot uiting in een steeds verder vertragende groei van clusters van sterrenstelsels. Daarnaast leidt de versnelde uitdijing tot een waarneembare versterking van het zwakke gravitatielenseffect bij verre sterrenstelsels.