De spookachtige vegen of 'spaken' die in sommige seizoenen in de meest opvallende ring van Saturnus verschijnen, blijken gedeeltelijk uit grotere deeltjes te bestaan dan tot nog toe werd gedacht.

De spaken, die op tijdschalen van uren verschijnen en ook weer verdwijnen, werden dertig jaar geleden voor het eerst waargenomen door de Voyager-ruimtesondes.

Maar hun ontstaan wordt nog steeds niet goed begrepen. Nieuwe metingen met instrumenten van de ruimtesonde Cassini hebben uitgewezen dat de spaken uit bevroren waterdeeltjes bestaan. En een aanzienlijk deel ervan blijkt groter dan een micrometer (een duizendste millimeter) te zijn.

Elektrostatische krachten

De belangrijkste theorie voor het ontstaan van de spaken stelt dat zij ontstaan doordat elektrostatische krachten microscopisch kleine deeltjes uit het ringvlak optillen. Maar de vraag is of die vlieger nog wel opgaat voor de waargenomen 'grote' ijsdeeltjes.