AMSTERDAM – De afwegingen die apen maken bij de vraag of ze hun groepsgenoten wel of niet  vlooien, zijn veel minder ingewikkeld dan tot nu toe werd aangenomen. Dat suggereert een nieuw computermodel van de Rijksuniversiteit Groningen.

Een groep onderzoekers onder leiding van theoretisch biologe Charlotte Hemelrijk ontwikkelde een computersimulatie waarin de vlooigewoontes van groepen apen werden nagebootst aan de hand van het gedrag van individuele apen.

De onderzoekers ontdekten dat het vlooigedrag van apen is te herleiden tot één stelregel. De dieren vlooien anderen vermoedelijk alleen als ze bang zijn om van hen te verliezen in een gevecht.

De resultaten van het onderzoek zijn gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift PloS Computational Biology.

Sociale afwegingen

Tot nu toe gingen wetenschappers ervan uit dat apen ingewikkelde sociale afwegingen maakten bij een beslissing over het vlooien van een soortgenoot. De dieren zouden conflicten verzoenen door de vacht van andere apen te ontdoen van de parasieten.

Ook zou er een soort ruilhandel in vlooibehandelingen bestaan waarmee de dieren steun bij elkaar zouden verwerven voor toekomstige gevechten.

Volgens de hoofdonderzoekster Hemelrijk suggereert het nieuwe computermodel echter dat het vlooigedrag van de apen veel minder gecompliceerd is. Alle gedragspatronen van de dieren komen volgens haar voort uit de angst voor verlies van een gevecht.

Overschat

“Daarmee is aangetoond dat verzoening en ruilgedrag helemaal geen bewust gedrag hoeft te zijn", verklaart Hemelrijk. "Het is slechts een gevolg van de pikorde en van de vraag welke apen zich in de omgeving bevinden van de aap die wil vlooien."

“Apen zijn intelligent, maar dat wordt overschat”, aldus de onderzoekster. “Mensen geven veel te hoge cognitieve verklaringen voor sociaal gedrag van apen.”