AMSTERDAM - Kinderen die via ivf-bevruchting ter wereld zijn gekomen, functioneren op latere leeftijd geestelijk niet anders dan kinderen die op natuurlijke wijze zijn verwekt.

Dat is de conclusie van klinisch psychologe Karin Wagenaar in haar promotieonderzoek aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Wagenaar bestudeerde de gevolgen voor de psychologische ontwikkeling van ivf-kinderen. Bestaande literatuur gaf daarover weinig uitsluitsel.

Om de invloed van de reageerbuisbevruchting goed te kunnen bestuderen, vergeleek Wagenaar ivf-kinderen tussen de 8 en 18 jaar met kinderen van ouders die vruchtbaarheidsproblemen hadden, maar uiteindelijk spontaan zwanger werden.

Vaardigheden

De promovenda keek naar het functioneren op school, specifieke cognitieve vaardigheden, gedrag en sociaal-emotioneel functioneren en zag daarin geen verschillen tussen ivf-kinderen en kinderen geboren na een natuurlijke zwangerschap.

In vitro fertilisatie (ivf) is een veelgebruikte methode van kunstmatige bevruchting.