AMSTERDAM – Vrouwen zijn mogelijk van nature geneigd om een angst voor spinnen te ontwikkelen. Dat blijkt uit een Amerikaans experiment met baby's.

Onderzoekers van Carnegie Mellon University lieten tien jongens en tien meisjes van 11 maanden enkele malen kijken naar een afbeelding van een spin en een plaatje van een angstig gezicht.

De meisjes bleken het angstige gezicht al snel te associëren met de spin. Toen ze na verloop van tijd de afbeelding van het dier kregen te zien met daarnaast een foto van een blij gezicht, bleven de meisjes extra lang naar de plaatjes kijken.

Volgens de onderzoekers duidde dat gedrag erop dat de baby's verrast waren door een combinatie die ze niet hadden verwacht.

Jongens

De jongens leken geen link tussen de spin en het angstige gezicht te leggen. Ze reageerden totaal niet verbaasd toen het plaatje van het dier werd gekoppeld aan een blij gezicht.

De onderzoeksresultaten zijn gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Evolution and Human Behaviour.

Volgens hoofdonderzoeker David Rakison suggereert het experiment dat de angst voor spinnen diep in de vrouwelijke hersenen is geworteld.

Evolutie

“Het experiment laat duidelijk zien dat meisjes van 11 maanden, in tegenstelling tot jongens van dezelfde leeftijd, heel snel de relatie leren tussen een negatieve gezichtsuitdrukking en een spin”, aldus Rakison in de Britse krant The Daily Mail.

De wetenschapper vermoedt dat de vrouwelijke angst voor spinnen evolutionair is bepaald.

Zijn theorie is vrij eenvoudig. In tegenstelling tot mannen kunnen vrouwen maar een beperkt aantal kinderen verwekken. Evolutionair gezien was het voor hen dus van groot belang dat hun nageslacht niet werd bedreigd door gevaarlijke insecten.

Verzameltochten

“De vrouwen kwamen tijdens hun verzameltochten waarschijnlijk vaak in aanraking met spinnen”, aldus Rakison. “De dieren waren een bedreiging voor de vrouwen zelf en hun kinderen.”