ASSEN - Een amateurarcheoloog blijkt begin dit jaar in het noorden van Drenthe met zijn metaaldetector een bijzondere schat van 110 munten te hebben gevonden.

De provincie Drenthe presenteert de vondst donderdagmiddag in het gemeentehuis in Gieten.

De munten hebben een beeltenis van een Romeinse keizer en ze stammen uit de periode van de eerste tot en met de derde eeuw na Christus. Dat zei een woordvoerster van de provincie woensdag.

Aa en Hunze

De vondst werd gedaan op een bouwland in de gemeente Aa en Hunze. Behalve de munten zijn nog grafresten uit de Urnenveldentijd (1200-500 voor Christus) en aardewerkscherven uit de Trechterbekercultuur (3400-2800 voor Christus) opgegraven.

De vondst van munten uit de eerste eeuwen na Christus is volgens de woordvoerster niet uniek. Wel is de hoeveelheid munten bijzonder.

Grote vondst

De laatste grote vondst was in 1952. Toen kwamen driehonderd munten in Noord-Duitsland boven de grond.

In november stuitten archeologen in Coevorden op een muntenschat van dertig munten. Vermoedelijk waren die van een handelsreiziger die omstreeks 1425 leefde.

Naast de munten die in de buurt van Gieten zijn gevonden, troffen de archeologen ook een crematiekom met crematieresten uit de Bronstijd aan.

De aangetroffen stukken aardewerk uit de Trechterbekerperiode waren eigendom van de hunebedbouwers, de eerste boeren in Drenthe.

De schat wordt na de presentatie overgedragen aan het Drents museum.