AMSTERDAM - De vraag naar genetische embryoselectie is waarschijnlijk groter dan tot nu toe werd aangenomen. Dat blijkt uit een onderzoek van patiëntenorganisatie VSOP en het Academisch Medisch Centrum (AMC).

Personen met een ernstige genetische aandoening die in aanmerking komen voor embryoselectie zijn vaak slecht geïnformeerd over deze methode. De helft van hen had nog nooit van selectie gehoord.

Als er meer bekend zou zijn over de mogelijkheid embryo's te selecteren, dan zouden hier jaarlijks zo'n 430 paren voor kiezen, meldt het rapport van het Amsterdamse ziekenhuis dat woensdag online verscheen op de site van het tijdschrift Medisch Contact. Nu zijn dat er ongeveer honderd.

Behandelingen

Dat betekent in de praktijk dat er in het geval van goede voorlichting vraag is naar ruim negenhonderd selectiebehandelingen per jaar. Personen die kiezen voor embryoselectie hebben doorgaans een of twee behandelingen nodig.

De schatting houdt geen rekening met selectie voor erfelijke vormen van kanker, waarover nu politieke commotie bestaat. Mag er op kanker geselecteerd worden, dan zullen 'enkele tot enkele tientallen' extra ouders kiezen voor selectie, zegt VSOP-directeur Cor Oosterwijk.