Na jaren van oponthoud wordt het Europese ruimtelab Columbus gelanceerd. Aan boord van de 6,7 meter lange cilinder kunnen astronauten wetenschappelijk onderzoek doen in gewichtloze toestand.

Het Amerikaanse ruimteveer Atlantis vervoert Columbus naar ruimtestation ISS. Met Columbus gaat ook apparatuur uit het Brabantse Heerle de ruimte in.

Ruimtewandeling

Het internationale ruimtestation ISS is een project van tientallen landen, maar het bestaat voornamelijk uit Russische en Amerikaanse onderdelen. Met Columbus heeft ook Europa eindelijk een verblijf in de ruimte. De Europese ruimtevaartorganisatie ESA besloot al in 1983 tot de bouw van een zelfstandig ruimtestation.

Door budgetoverschrijding bleef alleen Columbus over. De module wordt tijdens een ruimtewandeling aan het ruimtestation gekoppeld. In het Columbus-compartiment kunnen astronauten wetenschappelijke proeven uitvoeren. Aan de buitenromp zijn vier ophangpunten voor experimenten in het luchtledige. Het laboratorium kostte 1,3 miljard euro.

Columbus laboratorium

Het Columbuslaboratorium is onderdeel van het internationale ruimtestation ISS. In Columbus zijn faciliteiten voor materiaalonderzoek, biologische experimenten en onderzoek naar de gezondheid van astronauten.

Nederlandse bijdrage

Ook Nederland droeg bij aan het Europese paradepaardje. Het bedrijf Bradford Engineering in het West-Brabantse Heerle leverde de Biological Glovebox. Die couveuse is onderdeel van het Biolab en heeft een ingebouwde luchtzuivering en ozon-ontsmettingsinstallatie.

In de glovebox worden experimenten uitgevoerd die niet in contact mogen komen met de rest van het station. Zo is er onderzoek gepland naar de rol van het cytoskelet (skelet van levende cellen) en naar de voortplanting en verspreiding van bacteriën in de ruimte.

MIR

Na aankomst van Columbus zijn er drie gloveboxen van Bradford aan boord van het ISS. Niet toevallig, want Bradford maakt als enige bedrijf ter wereld zulke experimenteerkasten voor gewichtloosheid. Sinds 1986 vliegen er al Bradford-gloveboxen aan boord van de Space Shuttles en ook het Russische ruimtestation MIR beschikte over een glovebox.

Columbus heeft verder een experimenteerruimte voor bewegende gewichtloze vloeistof, zoals het geklots in een brandstoftank. Ook zijn er werkstations voor materiaalonderzoek en het effect van gewichtloosheid op de gezondheid van astronauten.

Met de komst van Columbus wordt het ISS een serieuze onderzoeksinstallatie. Columbus is de tweede experimenteerruimte van het ISS. In 2001 werd de Amerikaanse Destinymodule al in gebruik genomen en er is een derde, Japans lab in de planning. Na het opbouwen is het nu dus tijd voor experimenteren.

Plannen

De vraag is hoe lang dat duurt. NASA heeft ambitieuze en dure plannen voor bemande Marsreizen en de organisatie denkt erover om de financiële bijdrage aan het ISS na 2015 stop te zetten. Amerika betaalt jaarlijks 2,3 miljard euro om het ruimtestation in dienst te houden, driekwart van het jaarlijkse budget.

Ruimteveer Atlantis

Tussenstap

Europa en Rusland zien het ISS als een doel op zich: een permanent bemand ruimtelaboratorium. Maar voor Amerika is het station een tussenstap in de bemande verkenning van het zonnestelsel. Om de verre reizen naar de Maan, een planeet als Mars of zelfs een planetoïde te maken zijn nieuwe ruimteschepen nodig.

De dertig jaar geleden ontworpen Space Shuttles zijn geschikt voor allerlei klussen, als die maar vlakbij de aarde zijn. De nog te ontwerpen Orions moeten juist verder van de aarde af, maar om de schepen te bouwen is geld nodig. NASA maakt dat vrij door de Shuttles in 2010 uit de vaart te halen. Atlantis en zusterschip Discovery zijn nog fit genoeg om het ISS af te bouwen, denkt NASA.

Ook zonder de shuttles kunnen mensen van en naar het ISS komen. Rusland's Soyoez-schepen hebben ruimte voor drie astronauten en hun handbagage. Vracht wordt gelanceerd met de Russische Progress-vrachtschepen en met de Automated Transfer Vehicles van ESA. De eerste daarvan, Jules Verne, wordt nog dit voorjaar gelanceerd.