EINDHOVEN - Een vinding van Carlo de Best maakt het mogelijk de uitstoot van fijn stof bij kleinschalige biomassa-installaties met 80 procent terug te brengen.

Hij ontwikkelde een nieuwe warmtewisselaar voor een gewone biomassa-installatie. Het fijne stof verdwijnt daarbij niet door de schoorsteen, maar kan worden afgevangen op het oppervlak van de warmtewisselaar.

De Best (30) promoveert maandag 17 december aan de Technische Universiteit Eindhoven op zijn onderzoek. Een Duits bedrijf, dat een toonaangevende positie in de Europese markt van verwarmingsinstallaties heeft, is bezig de techniek die De Best heeft ontwikkeld, op de markt te brengen.

Biomassa

Biomassa maakt opgang, omdat die brandstof geen CO2 bevat en daarmee een bijdrage aan het tegengaan van de opwarming van de aarde levert. Er is echter een probleem: bij de verbranding van biomassa komt fijn stof vrij.

Door de schadelijke effecten daarvan op de gezondheid is de uitstoot en de concentratie in de atmosfeer aan strenge milieunormen gebonden. Die hebben er al toe geleid dat veel bouwprojecten in Nederland moesten worden stilgelegd.

Metalen

Het fijne stof uit biomassa bestaat voor een deel uit zouten en zware metalen als lood en zink en voor een deel uit grovere deeltjes. Dat laatste deel is relatief gemakkelijk af te vangen, maar de zouten en zware metalen zijn veel moeilijker te verwijderen.

In grootschalige verbrandingsinstallaties van biomassa kunnen geavanceerde elektrostratische filters die deeltjes uit rookgassen afvangen, maar die techniek is voor kleine en middelgrote installaties ongeschikt. Zij is te duur en kost te veel energie.

Warmtewisselaar

De Best heeft een nieuw type warmtewisselaar ontworpen, dat de uitstoot van zouten en zware metalen in kleinere installaties met 80 procent kan verminderen. Hij ontdekte dat een groter oppervlak van een warmtewisselaar extra deeltjes kan afvangen.

De door hem ontwikkelde wisselaar heeft daarom een relatief groot oppervlak ten opzichte van de apparaten in conventionele boilers. Bovendien worden de rookgassen relatief langzaam afgekoeld.

De Best ontdekte namelijk ook dat het fijn stof beter wordt afgevangen, als de rookgastemperatuur een korte periode relatief hoog blijft.