Een universitaire opleiding afgerond en dan toch kiezen voor een carrière als hbo- of mbo-zorgmedewerker: Gerrit Jan van Dam maakte de switch. Wat heeft hij geleerd van zijn overstap en waar moeten mensen op letten als zij zich ook willen omscholen naar een baan in de zorg?

Gerrit Jan van Dam (44) heeft na het vwo geen idee welke opleiding hij moet kiezen. "Ik ging 'dan maar' voor een studie Rechten." Tijdens zijn stage komt Van Dam bij een notariskantoor terecht waar hij jaren blijft hangen en uiteindelijk kandidaat-notaris wordt.

Tot zijn carrière tot stilstand komt door een burn-out. "Ik kon het werk moeilijk loslaten. Mijn baan vroeg veel te veel van me. Ik was toen eind twintig, ik wist dat ik dit werk de komende dertig jaar niet wil en kon blijven doen." Via een coachingstraject en veel meelopen met anderen komt Van Dam op het idee om de zorg in te gaan. "Iets totaal anders, maar ik kende het werk wel omdat mijn beide ouders zorgprofessional zijn."

In een ziekenhuis in Zutphen besluit hij een zijinstroomtraject voor verpleegkundigen te volgen. Daarbij kon hij al beginnen met betaald werken, terwijl hij leerde. "Ik moest mijn rekeningen kunnen betalen, maar wilde ernaast niet in het notariaat blijven werken."

Inmiddels werkt Van Dam al bijna tien jaar met veel plezier als mbo-verpleegkundige. "Dit werk voelde meteen als de juiste keuze. Omdat ik geen gezin heb en voor niemand financieel verantwoordelijk ben, vond ik de stap nemen niet eens zo spannend."

Opnieuw beginner worden kan onzeker maken

Niet iedereen stapt zo makkelijk over naar de zorg, ziet Lieke Lange, hr-manager in de zorg en expert op het gebied van zijinstromen in de sector. "Het is best spannend. Mensen koppelen werk vaak aan hun identiteit, ineens ben je weer een beginner. Dat kan onzeker maken. Geef jezelf genoeg tijd en ruimte om te wennen, raad ik omscholers aan."

Waarom sommige hoger opgeleiden ervoor kiezen om weer van voor af aan te beginnen? Lange snapt de keuze wel. "Ik zie dit soort voorbeelden wel vaker voorbijkomen. Zo ken ik een advocaat die een tijd lang voor haar vader moest zorgen en daarna de wijkverpleging in is gegaan. Als mensen ouder worden, gaan ze vaak op zoek naar zingeving in hun werk. Of ze willen liever met hun hoofd én handen werken. Dat kan in de zorg."

“Hoger opgeleiden zijn gewend om rationeel na te denken en hebben niet geleerd om op zichzelf te reflecteren.”
Lieke Lange

Aspirant-zorgmedewerkers moeten er wel rekening mee houden dat het omschooltraject intensief kan zijn. "De zorgopleiding is de zwaarste die ik tot nu toe gedaan heb", zegt Van Dam. "Op het mbo ben je veel bezig met reflecteren op jezelf: wie ben je, hoe ga je ergens mee om. Dat was ik helemaal niet gewend vanuit de universiteit. Er worden heel andere capaciteiten van je gevraagd. Daarom zie ik mbo ook absoluut niet als een lager niveau."

Doorgroeimogelijkheden op wetenschappelijk niveau

Lange ziet dat academici zich wel vaker verkijken op een zorgopleiding. "Hoger opgeleiden zijn gewend om rationeel na te denken en hebben niet geleerd om op zichzelf te reflecteren. Veel overstappers vinden een zorgopleiding daarom zwaarder dan ze van tevoren dachten. Mensen beseffen niet altijd dat het een vak is waar je echt in moet investeren."

Als hoger opgeleiden eenmaal gewend zijn aan de nieuwe baan in de zorg, dan kan het wel zo zijn dat ze wat uitdaging gaan missen, zegt Lange. "Maar weet dan dat er genoeg doorgroeimogelijkheden zijn. Je kunt altijd nog de bestuurskant op of verder leren op wetenschappelijk niveau."

Dat is precies wat Van Dam overweegt. Hoewel hij het goed naar zijn zin heeft in zijn functie, denkt hij na over een volgende stap. "Ik ben enorm analytisch, daar zou ik soms wat meer mee willen doen. Misschien dat ik ooit wel weer naar de universiteit ga, bijvoorbeeld voor een opleiding Gezondheidswetenschappen. Maar voor nu zit ik erg op mijn plek."