Suf, star en rigide: het zijn niet de leukste termen om mee geassocieerd te worden. Toch hebben veel ambtenaren in Nederland ermee te maken. "Wij werken ook in de avonden en weekenden."

Aan het beeld van een ambtenaar kleven veel vooroordelen. In het algemeen zijn mensen iets minder positief over ambtenaren dan over mensen in het bedrijfsleven, blijkt uit onderzoek van Lars Tummers, hoogleraar bestuurs- en organisatiewetenschap aan de Universiteit Utrecht. Samen met drie promovendi doet hij een meerjarenstudie naar de vooroordelen over ambtenaren én naar manieren om deze te laten kantelen.

"De standaard stereotypen over ambtenaren zijn dat ze lui zijn, een beetje suf en dat ze een negen-tot-vijfmentaliteit hebben", zegt hij.

"Mensen die het gevoel hebben dat ze moeilijk kunnen rondkomen, vinden ambtenaren bovendien streng, rigide en arrogant. Dat kan te maken hebben met een gevoel van afhankelijkheid. Als iemand ingrijpende beslissingen over jouw leven kan maken, roept dat gevoelens van machteloosheid op."

Beeldvorming kan veranderen

Hoewel Tummers benadrukt dat stereotypen niet waar hoeven te zijn, zijn ze wel waar in hun effecten. "Als mensen denken dat iets zo is, kleuren ze situaties - onbewust - zo in dat ze het vanzelf zo ervaren."

Jammer, want dat betekent ook dat de vertrouwensband tussen burger en overheid onder druk komt te staan, zegt medeonderzoeker Isa Bertram. "Veel ambtenaren willen burgers zo goed mogelijk te helpen, maar dat lukt niet altijd. Tegelijkertijd krijgen ze veel kritische of afwijzende reacties, die hun werk of inzet kunnen beïnvloeden. Burgers krijgen op hun beurt weer het idee dat ze worden geholpen door een ambtenaar die ze het gevoel geeft dat ze er niet toe doen."

Deze trend is te keren, door burgers beter te laten zien waar ambtenaren mee bezig zijn, zegt Tummers. "In Canada hebben we de beeldvorming over maatschappelijk werkers kunnen veranderen met verhalen uit de praktijk. Een maatschappelijk werkster vertelde bijvoorbeeld dat ze vaak buiten werktijden werkt, omdat ze een suïcidale tiener onder haar hoede heeft. Als burgers zulke verhalen horen, waarderen ze ambtenaren daarna positiever."

“Sinds de toeslagenaffaire zijn ambtenaren een sitting duck geworden. Iedereen mag op ze schieten.”
Thijs Jansen, directeur Stichting Beroepseer

'Negen-tot-vijf uitstervend ras'

Met zulke verhalen wordt het vooroordeel van de luie ambtenaar dus omgekeerd. Maar niet iedereen herkent zich in het beeld. "We komen net uit de coronacrisis, waarin de publieke sector met veel kunst- en vliegwerk Nederland draaiende heeft gehouden", zegt Marc de Natris, voorzitter van ambtenarencentrale CMHF.

De 'negen-tot-vijfambtenaren' zijn volgens De Natris ook een uitstervend ras. "Met de huidige ICT-mogelijkheden behoort die mentaliteit sowieso tot het verleden. Beleidsambtenaren werken in de avonden en weekenden door. Dat kan ook niet anders, gezien het grote aantal vacatures en de huidige krapte op de arbeidsmarkt."

Ambtenaren als sitting duck

Thijs Jansen, directeur van Stichting Beroepseer, die onderzoek doet naar ambtelijke professionaliteit, ziet nog iets anders gebeuren. "Sinds het toeslagenschandaal zijn ambtenaren een sitting duck geworden. Iedereen mag op ze schieten, maar ze kunnen zich niet publiekelijk verweren. Politici nemen de verdediging van ambtenaren nauwelijks op zich, terwijl ambtenaren door diezelfde politici vaak gedwongen zijn om onmogelijk beleid uit te voeren."

Marieke, beleidsmedewerker armoede en schulden bij een Brabantse gemeente, herkent dit. "In december werd de tegemoetkoming voor hoge energiekosten aangekondigd, waarbij minima eenmalig 800 euro kregen. De details van deze regeling werden pas vorige maand bekend. In de tussentijd moesten mijn collega's continu burgers teleurstellen, omdat we in afwachting waren van de politiek."

De ambtenaren kunnen ook niet zomaar een oog toeknijpen. "Het gaat toch om gemeenschapsgeld", zegt Marieke. "Als iemand bij wijze van spreken een euro te veel verdient, komt hij bij de gemeente al niet meer in aanmerking voor steun. Je moet ergens een grens trekken, ook als dat als oneerlijk wordt ervaren door burgers."

Gwendalyne Brouwer, werkzaam bij de gemeente Almere, weet dat de werkdruk hoog kan zijn. "Als er opeens een politieke vraag ligt, moet alles daarvoor wijken. Dat is soms heel intensief, maar ook ontzettend leuk. Je werkt aan actuele maatschappelijke vraagstukken en draagt bij aan de ontwikkeling van de stad."