Jaarlijks emigreren zo'n 40.000 Nederlanders naar het buitenland, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Hoe bevalt het werken in hun (tijdelijke) nieuwe thuisland? En willen ze eigenlijk nog wel terug naar Nederland? Deze keer spreken we Nick Geurts in Kopenhagen.

  • Wie: Nick Geurts
  • Functie: Projectleider BAM Infra
  • Waar: Kopenhagen, Denemarken
  • Werkt in het buitenland sinds: 2013, is net twee maanden in Denemarken

Hoe ben je in Denemarken terechtgekomen?
"Ik ben als projectleider verantwoordelijk voor een gedeelte van een groot technisch project hier. Nu zitten we in Kopenhagen, op tien minuten fietsen van het centrum en mijn werk. Straks gaan we meer naar het zuiden van het land. Daar zal het project tot stand komen."

Dit is niet jullie eerste keer in het buitenland.
"Klopt. Mijn partner Daniëlle en ik zaten hiervoor in het Verenigd Koninkrijk, in Cambridge. In 2013 vertrokken we voor het eerst uit Nederland, voor een project in Dubai. Daarna zaten we in Costa Rica. Ik merk dat een buitenlands project voor veel collega's bij BAM gesneden koek is. Maar voor onze partners is de uitdaging een stuk groter. Zij moeten vaak nog werk zien te vinden. Ik heb dan ook diep respect voor hen."

“Het verschil tussen Nederland en Engeland was veel groter. Denemarken voelt meer als thuis.”
Nick Geurts, projectleider BAM Infra

Is het erg wennen in Denemarken?
"Dat valt reuze mee. Het verschil tussen Nederland en Engeland was veel groter. Denemarken voelt meer als thuis. Er zijn alleen subtiele verschillen. Mensen in Kopenhagen zijn heel open en vriendelijk, contact maken is hier vrij makkelijk. Daarnaast is er een hogere standaard van leven. Dat zie je terug in huisvesting, producten in de supermarkt. Het leven is duur maar als alles van zulke hoge kwaliteit is, wil je daar ook wel voor betalen."

Hoe is de sfeer op de werkvloer? Van Nederlanders wordt altijd gezegd dat ze te direct zijn…
"Hier op kantoor werken mensen uit verschillende Europese landen. Dat heb je ook wel nodig voor zo'n internationaal project. We hebben ook Deense collega's. Die kunnen de Nederlandse directheid wel aan, ze kunnen er zelf immers ook wat van, haha."

Een netwerk opbouwen is vast lastig als je zo vaak verhuist.
"De collega's op de projecten worden vanzelf ook de mensen met wie je na het werk omgaat. Dat is ontzettend gezellig. Maar werk en privé lopen daardoor wel wat sneller door elkaar. Ik probeer dat bewust onder controle te houden, zodat het tijdens de borrel niet altijd over werk gaat. Gelukkig hebben we via Daniëlle ook veel andere contacten. Het is goed om ook mensen te spreken van buiten die werkbubbel."

Wat doe je het liefst in je vrije tijd?
"We sporten en reizen veel. Ons huis ligt op vijf minuten lopen van het strand, de uitgelezen kans om het windsurfen en suppen op te gaan pakken. Maar we vinden het ook heel leuk om te gaan kamperen, met een campertje of een tent. De brug over en je zit vanaf hier zo in Zweden, kampeerland nummer een."

Hoe bevalt de Deense keuken eigenlijk?
"Ik had er niet zoveel van verwacht, maar het Deense smørrebrød is ontzettend lekker. Een open broodje met divers beleg. De Denen zijn heel goed in lekkere combinaties bedenken. En de kanelbulle, een soort Zeeuwse bolus, is echt genieten. Wat me ook opvalt, is dat er veel verse producten in de supermarkt te vinden zijn. Ik maak mijn cappuccino altijd met houdbare melk, maar ik kon bijna geen houdbare melk vinden."

Er valt dus weinig te klagen. Willen jullie nog wel weg?
"We zitten hier in ieder geval de komende vijf jaar nog. Het project loopt daarna door, dus blijven zou ook een optie kunnen zijn. Misschien gaan we hier wel nooit meer weg. Maar de kans bestaat ook dat we ons weer in Nederland gaan settelen, we zijn al zo lang weg. We zijn vertrokken voor het avontuur, niet omdat we het niet naar ons zin hadden."