Lookalikes, slangenmelkers, matrassentesters en Netflix-ondertitelaars. In deze rubriek interviewen we de mensen met een niet-standaard antwoord op de standaardvraag: wat doe jij eigenlijk? Dit keer Alain Erkamp (26), decortimmerman.

  • Wie: Alain Erkamp
  • Wat: Decortimmerman
  • Meegewerkt aan: de voorstellingen Frida, Il barbiere di Siviglia, Porgy and Bess, en vele andere.

Alain Erkamp was niet bijzonder geïnteresseerd in theater en dans. Dat hij fulltime achter de schermen bij opera- en balletvoorstellingen zou gaan werken, had hij dan ook niet verwacht. "Ik studeerde aan het Hout- en Meubileringscollege en ging ervan uit dat ik meubelmaker zou worden", vertelt de timmerman.

Toen hij tijdens zijn stageperiode besloot eens iets anders te proberen, kwam hij uit bij het decoratelier van Nationale Opera & Ballet. Er ging een wereld voor hem open en na ruim zes jaar is hij er nog.

Erkamp zit in de kantine van het decoratelier op een bedrijventerrein in het Amsterdamse stadsdeel Zuidoost. Aan de muren hangen reproducties van bekende schilderijen van Frida Kahlo voor de balletvoorstelling Frida, wandschilderwerk voor oude operavoorstellingen en piepschuimen bustes die zo goed uitgesneden en beschilderd zijn, dat ze nauwelijks van bronzen beelden te onderscheiden zijn.

'Een decor moet minimaal 25 jaar meegaan'

Het atelier heeft een oppervlakte van meer dan 1 hectare. In het gebouw vind je een houtwerkplaats, een metaalwerkplaats, een schilderwerkplaats, een piepschuimwerkplaats en opslagruimte voor decorstukken en kostuums. Er werken zo'n veertig mensen, die gezamenlijk de decors bouwen voor een wisselend aantal producties per jaar.

"Niet voor elke productie hoeft er een nieuw decor te komen", vertelt Erkamp. "Een decor dat we maken, moet minimaal 25 jaar meegaan. De oudste decors die we in huis hebben, zijn die van The Sleeping Beauty en Romeo en Julia. Die stammen respectievelijk uit 1981 en 1967!"

“We hebben weleens tot een minuut voor aanvang achter de gordijnen een decor staan opknappen.”
Alain Erkamp, decortimmerman

De decors gaan de hele wereld over: ze reizen mee met de opera- of balletvoorstelling. Andersom komen er decors van de opera's van New York, Berlijn, Londen of Parijs naar Amsterdam. Elk decorstuk moet dus kunnen worden opgedeeld in onderdelen die in een container passen.

Het leukste decor waar hij aan heeft meegewerkt, vindt Erkamp dat voor de opera Il barbiere di Siviglia. Dit gigantische poppenhuis heeft deurtjes en raampjes die met een motortje aangedreven worden. In de kamers van het poppenhuis spelen de acteurs.

Een race tegen de klok

Hoe komt zo'n decor van maximaal 25 meter breed, 15 meter diep en 14 meter hoog tot stand? "De voorkant krijg je, de achterkant moet je oplossen", vat Erkamp het samen. Wat hij daarmee bedoelt, is dat de ontwerper van het decor een schets van het vooraanzicht - zoals dat voor het publiek zichtbaar is - aanlevert.

Hoe de constructie in elkaar gezet moet worden, is aan de timmerlieden, schilders, piepschuimmensen en metaalbewerkers. "Van tevoren krijgen we een presentatie. Niet alleen een presentatie van het decoridee, maar van het hele verhaal achter het stuk. Zo gaat de wereld van het decor meteen leven."

Ook tijdens de opvoering van een stuk moeten de decorbouwers soms te hulp schieten. Decorstukken worden tijdens een voorstelling vaak razendsnel verwisseld en dan gaat er soms iets kapot. "Zo hebben we weleens tot een minuut voor aanvang achter de gordijnen een decor staan opknappen", vertelt Erkamp. "Een race tegen de klok! Maar de afwisseling, de spanning en jouw creatie aan het grote publiek kunnen tonen, maken het werk ook leuk."