Over geld praat je niet. Ons salarisstrookje is een taboeonderwerp, terwijl we maar al te graag zouden weten waar zij het maandelijks van doen. Daarom vraagt NU.nl het voor je. Met deze week: de chef autotechniek en de leraar klassieke talen.

Even voorstellen:

Saar (31)

  • Is acht jaar docent klassieke talen (Latijn en Grieks) op een middelbare school.
  • Ze geeft vooral les in de bovenbouw.
  • Naast haar fulltime baan met 25 lesuren, nakijkwerk, ouderavonden en vergaderingen doet ze nog een studie bedrijfskunde.

Benjamin (38)

  • Benjamin is fulltime autotechnicus en werkplaatschef.
  • Hij werkt al bijna twintig jaar bij de dorpsgarage, "een soort KwikFit, maar dan geen KwikFit".
  • Daar worden zo'n tien auto's per dag langsgebracht voor een apk of reparatie.

*De echte namen van de geïnterviewden zijn bekend bij de redactie.

Automonteur en leraar zijn, schuift dat een beetje?

B: "Nou, ik weet dat er automonteurs zijn die langer in het vak zitten dan ik en nog op 2.000 euro netto zitten. Daarvoor zou ik m'n bed niet uitkomen. Dat klinkt misschien lullig, maar dank je de koekoek."

Waar kom je je bed dan wel voor uit?

B: "Ik heb inmiddels geleerd: wie de grotere mond heeft, komt hoger uit. Ik heb een beetje onderhandeld en krijg nu 3.394 euro bruto en 2.374 netto per maand. Ik heb een dertiende maand geëist en krijg nu een jaarlijkse bonus van 17,5 procent over de nettowinst. Vorig jaar was dat 7.000 euro, het jaar ervoor de helft. Eigenlijk niet normaal hè, zoveel."

S: "Mijn brutosalaris is 4.229 euro, netto is dat met reiskostenvergoeding 2.843 euro. Jaarlijks komt ik, met eindejaarsuitkering en vakantiegeld, uit op 58.429 bruto."

B: "Zo, dat is pittig. Ik had 1.000 euro minder verwacht. Het zijn zeker moeilijke talen?"

S: "Het is vooral een geluksdingetje. Toen ik net klaar was met de lerarenopleiding mocht ik veel in de bovenbouw werken. Toen was er een cao-regeling waardoor ik in de hoogste schaal kwam. Het nadeel is wel dat ik over vier jaar het plafond van 5.546 euro bruto heb bereikt."

“Ik vind dat leraren weleens in het klaaghoekje zitten.”
Benjamin, automonteur

B: "Het valt me op dat er altijd wordt gestaakt in het onderwijs. Ik vind dat leraren weleens in het klaaghoekje zitten. Vind jij je verdiensten ten opzichte van je uren een beetje matchen?"

S: "Er is een groot verschil met het basisonderwijs! Daar verdienen ze een stuk minder. Voor een 31-jarige ben ik tevreden: ik werk doordeweeks zo'n 38 tot 40 uur, waarvan ook altijd een dagdeel in het weekend. En van de elf weken vakanties werk ik er zeker in de helft nog zo'n drie dagen bij. Er is elk jaar een nieuw examenonderwerp en als ik pech heb, ken ik het nog niet en kost het me veel tijd in de zomer."

Wat voor beeld bestaat er over jullie beroepen?

B: "Autotechniek was vroeger simpel: uitlaatje hier, bandje daar, beetje olie verwisselen. Tegenwoordig heb je een halve IT-opleiding nodig om de infotainment- en veiligheidssystemen bij te benen. Ik sleutel ongeveer een kwart van de tijd aan auto's, dan doe ik de moeilijke dingen. De rest besteed ik aan de inkoop, het personeel en de klanten."

S: "Toen ik nog klassieke talen studeerde, vroegen mensen weleens: 'Wat ga je er dan mee worden, tolk of zo?' Haha, de meeste mensen hebben geen idee. Anderen vragen zich af wat het nut van Latijn of Grieks is. Mensen die het zelf op school hebben gehad, willen vaak graag hun rijtjes even opnoemen."

“Ik heb ook collega's die samen Latijn praten.”
Saar, docent klassieke talen

"Er zijn best veel mensen die Latijn gebruiken om een beetje elitair te doen. Zoals Thierry Baudet. Of je nou fan van hem bent of niet, hij zegt van alles wat je alleen snapt als je Latijn en Grieks hebt gehad. Ik heb ook collega's die samen Latijn praten, maar ik ben daar iets te down-to-earth voor geloof ik."

Zit er nog iets van Grieks of Latijn in het woord 'chef autotechnicus'?

S: "Ja, auto en technos zijn beide Grieks. Het betekent 'zelf' en 'kunde'. En chef komt via het Frans ook uit het Latijn, van caput: 'hoofd'."

B: "Ik weet wel wat Volvo in het Zweeds betekent: 'ik rol'."

S: "Het is Latijn!"

“Ik heb eigenlijk niet zoveel met auto's.”
Benjamin, automonteur

Is dat je favoriete automerk, Benjamin?

B: "Nee ik ben meer van de Duitse merken. Maar ik heb eigenlijk niet zoveel met auto's. Ja, dat klinkt misschien gek, maar toch is het zo."