Geen gespreksonderwerp bij het koffieautomaat op je werk? Klaag over de kwaliteit van je koffie, en de kans op bijval is groot. Waarom vinden we automatenkoffie zo vies?

Nederlanders zijn koffieliefhebbers. 82 procent van de Nederlanders drinkt wekelijks koffie, 67 procent dagelijks. Gemiddeld drinken we 4,1 koppen koffie per dag. Dat onderzocht Koffie & Thee Nederland, branchevereniging voor Nederlandse koffie- en theebedrijven.

Die koffie drinken we thuis, in hippe koffiebars, halen we to-go op het station en tappen we uit koffieautomaten op kantoor. 

“Met melkpoeder maak je geen goede cappuccino”
Koffie-expert Merijn Gijsbers

De kwaliteit van onze kantoorkoffie vinden we nogal belangrijk en het imago van automatenkoffie is niet best. Waarom we automatenkoffie zo vies vinden? We vroegen het koffiesommelier Merijn Gijsbers, die deze maand de Dubai International Coffee Championship won.

Reden 1: De ene boon is de andere niet.

De meeste kantoren hebben inmiddels hun machines met oploskoffie wel vervangen door automaten waar de bonen vers gemalen worden, zegt Gijsbers, maar dat levert niet meteen geweldige espresso's, lungo's of cappuccino's op.

Gijsbers: "De bonen in de automaten zijn vaak van lage kwaliteit, ze zijn wat ouder of niet goed gebrand. De kwaliteit van de boon is van enorm veel factoren afhankelijk: hoe hoog de plant groeit, de temperatuur, de manier van oogsten, welke planten er omheen staan, of de bessen rijp zijn geoogst of juist niet, of ze in de zon zijn gedroogd." 

Een koffieboon kan in de beoordeling door internationale testpanels in theorie honderd punten verdienen. Dan voldoen ze aan alle eisen. Heeft een boonsoort tachtig of meer punten, dan valt de koffie in de categorie specialtykoffie. Deze bonen worden niet gebruikt in automaten, vertelt Gijsbers, en dat maakt de koffie sowieso van mindere kwaliteit dan wanneer een barista deze vers bereidt.

De bonen die we gebruiken voor onze koffie kun je grofweg in twee categorieën indelen, zegt Gijsbers: arabica en robusta. "De arabicabonen hebben over het algemeen een complexere smaak en de kwaliteit ervan wordt als beter ervaren dan de robustabonen. Die laatste vind je in de koffieautomaten."  

Reden 2: Voor de cappuccino wordt melkpoeder gebruikt

De schuimlaag op je cappuccino hoort romig en stevig te zijn, aldus de koffie-expert. Dat kan een automaat niet. "Al is de espressotechniek goed, de poedermelk doet de kwaliteit ervan weer teniet." De poedermelk moet worden gemixt met water om een melkachtige drank te krijgen die wordt toegevoegd aan de espresso. Daardoor verandert de espresso van smaak.

“Melkschuim moet heel fijne belletjes hebben voor een fijn mondgevoel. Dat kan een automaat niet”
Koffie-expert Merijn Gijsbers

"De melk moet tot schuim worden geklopt met minuscule belletjes die je niet eens meer kan zien. Daardoor wordt het stevig en romig en krijg je een prettig mondgevoel. In de machine kan dat niet en worden de bellen te groot. De melk is dan niet romig van smaak, maar waterig en het maskeert de bittere smaak van de espresso niet. Er kan ook suiker zijn toegevoegd aan het melkpoeder."

Reden 3: Haastige spoed is zelden goed.

Een automaat kan een kopje koffie binnen een paar seconden zetten en daarmee verliest de drank kwaliteit. "Hoe fijner de koffie gemalen is, hoe langer de contacttijd tussen de koffie en het water. Vergelijk het met een bak stenen en een bak zand. Door zand druppelt het water langzaam, en langs stenen stroomt het water snel naar beneden. Omdat automaten zijn ingesteld op zo snel mogelijk koffie produceren, wordt de boon grof gemalen, tot steentjes in plaats van zand. Het gevolg is dat de smaak niet uit de boon wordt gehaald."

Al is de boon vers en van goede kwaliteit, het malen ervan vereist een techniek die een automaat niet in huis heeft. "18 van de 22 stofjes in de boon moeten oplossen. Dat lukt niet met de maaltechniek in een automaat en dus haal je niet het beste uit de boon."

Reden 4: Onze smaak evolueert (dankzij Senseo)

Nog niet zo lang geleden dronken we allemaal dezelfde filterkoffie, gezet in één grote pot. Dat veranderde dankzij het Senseo-apparaat. "Ineens waren er allerlei smaakjes en verschillende koffiesoorten beschikbaar. 's Ochtends kon je dan een Braziliaanse koffie nemen, en later op de middag eentje uit Ethiopië. We zijn onze smaak snel gaan ontwikkelen en veeleisender geworden."

"Vergelijk het met wijn: je drinkt nu waarschijnlijk meer en andere soorten wijn dan toen je net begon met wijn drinken. Senseo heeft de deur geopend naar smaakontwikkeling, naar behoefte aan uitdaging in onze koffiecultuur. We proeven het verschil tussen goede en slechte koffie beter door het bredere aanbod."

Reden 5: De monteur heeft de allergrootste invloed

De laatste schakel in het maken van koffie, zegt 's werelds beste barista, is de maker. "In het geval van automatenkoffie is dat de monteur. Ik hoor regelmatig dat mensen speciaal naar een andere afdeling op hun werk lopen omdat de koffie daar lekkerder is. De monteur stelt af hoe grof de koffie wordt gemalen, hoe snel de doorlooptijd en hoelang de contacttijd is. Als hij de opdracht krijgt zo snel mogelijk koffie te laten lopen omdat de baas wachttijden bij de automaat wil voorkomen, beïnvloedt dat de smaak van de koffie."