Er kan nog veel verbeterd worden in de manier waarop statushouders aan het werk worden geholpen. Dat concludeert de Sociaal-Economische Raad (SER) in een rapport.

In het rapport signaleert de raad dat het beleid versnipperd is. De regionale verschillen zijn groot en de initiatieven vaak kleinschalig en door onzekerheid over de financiering veelal van korte duur.

De centrale opvang moet zo worden georganiseerd dat vluchtelingen eerder met potentiële werkgevers en baanmogelijkheden in aanraking komen. De samenwerking op gemeentelijk niveaa moet ook worden verbeterd.

Er zijn ook veel dingen verbeterd, benadrukt de SER. Statushouders hoeven niet langer 'passief' te wachten in asielzoekerscentra en gemeenten besteden meer aandacht aan hun werkmogelijkheden.

Vluchtelingen die in Nederland mogen blijven, hebben volgens de SER nog steeds veel moeite om aan betaald werk te komen. Uit CBS-cijfers blijkt dat 2,5 jaar na hun komst niet meer dan 11 procent betaald werk heeft gevonden.