Nederlandse beursgenoteerde bedrijven hebben nog altijd minder vrouwen in hun bestuur en raad van commissarissen dan wettelijk moet worden nagestreefd. 

Dat blijkt uit vrijdag gepubliceerd onderzoek van de business school van de universiteiten van Tilburg en Eindhoven.

Van alle commissarissen bij de 84 beursgenoteerde bedrijven is 21 procent een vrouw. Vrouwen vormen samen 8 procent van het bestuur van de bedrijven. Daarmee wordt niet voldaan aan het Nederlandse wettelijk streefgetal van minimaal 30 procent vrouwen in het bestuur en de raad van commissarissen. Die verdeling moet eigenlijk uiterlijk op 1 januari 2016 worden bereikt.

Er bereikten vorig jaar wel weer iets meer vrouwen de top van het bedrijfsleven. Er kwamen drie vrouwelijke bestuurders bij, terwijl er één vertrok. Van alle nieuwe commissarissen is 27,5 procent vrouw. Per saldo kwamen er elf nieuwe vrouwelijke commissarissen bij.

Geen vrouw

De onderzoekers wezen erop dat 25 van de 84 beursfondsen helemaal geen vrouw in het bestuur of de raad van commissarissen hebben. Bij zestien bedrijven zonder vrouwelijke bestuurders zijn dit jaar wel in totaal negentien mannelijke bestuurders benoemd, bij twaalf bedrijven zonder vrouwelijke commissarissen zijn 22 nieuwe mannelijke commissarissen benoemd.

Akzo Nobel, Delta Lloyd en PostNL voldoen nagenoeg aan het streven ten aanzien van het aantal topvrouwen. Daar bestaat het bestuur voor meer dan 30 procent uit vrouwen, in de raad van commissarissen kwam het aandeel vrouwen er uit op 29 procent.

Teleurstellend

Minister Bussemaker (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) noemt de uitkomsten van het onderzoek in een eerste reactie "buitengewoon teleurstellend". Ondanks dat iets meer vrouwen vorig jaar wisten door te dringen tot de top van het bedrijfsleven, onderstrepen de uitkomsten volgens haar vooral dat "de top van Nederlandse beursgenoteerde bedrijven nog steeds mannenbolwerken zijn".

"Deze groei doet in ieder geval geen recht aan het potentieel aan vrouwelijk talent dat er is in Nederland. Dat gaat gewoon echt veel te langzaam," zo stelt Bussemaker.

"Er is echt werk aan de winkel voor ons bedrijfsleven. Dat begint met het besef dat een diverse top je bedrijf verder brengt. En dus niet kiezen voor de makkelijk weg door blanke mannen van een jaar of vijftig een plek te geven in het bestuurspluche. Het gaat er om dat je als bedrijf echt verder durft te kijken op zoek naar geschikt talent."