Het op jonge leeftijd gebruiken van een smartphone is een van de oorzaken dat cyberpesten nog steeds een probleem is.

Dat zegt de Bredase kinderpsycholoog Marjolijn van Loenhout.

Maandag bleek uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek dat cyberpesten, ondanks alle overheidscampagnes, niet is verminderd. 

De jonge leeftijd waarop kinderen smartphones krijgen heeft hier, volgens de psycholoog, mee te maken. "Kinderen zitten vaak tot twee, drie uur ’s nachts op Facebook en Whatsapp. En niet alleen tieners, ook kinderen van acht."

Volgens Van Loenhout is cyberpesten een groeiend probleem. "Op het schoolplein is pesten zichtbaar en kan het relatief makkelijk aangepakt worden, maar online krijg je hier een stuk minder makkelijk grip op. Ouders hebben totaal niet door wat hun kinderen uitspoken op internet", vertelt Van Loenhout.

De schade bij een kind door digitaal getreiter, vaak via groepchats op WhatsApp, kan enorm zijn. "Kinderen zien niet wat ze aanrichten omdat de emoties op het gezicht van het slachtoffer niet zichtbaar zijn. Dat zorgt voor grote problemen". Volgens Van Loenhout zouden ouders beter voorgelicht moeten worden via campagnes en bijeenkomsten zodat ze weten wat kinderen allemaal doen op het internet.

Praten

Volgens Remco Pijpers van het kenniscentrum Jeugd en Media ‘Mijn kind online’ is pesten nooit helemaal uit te roeien, cyberpesten dus ook niet. "Extra campagnes zijn daarom niet nodig. Belangrijker is dat scholen en ouders op een positieve manier met kinderen praten over sociale media. Het moet niet meteen over pesten gaan, maar wat doen ze op internet? En hoe ga je online met elkaar om?."