WOERDEN - Ruim een op de vijf bouwvakkers werd in de afgelopen vorstperiode door zijn baas verplicht om door te werken in de vrieskou.

Dat blijkt uit een enquête van FNV Bouw onder 800 leden van de bond. Volgens de cao hebben bouwvakkers het recht om bij een gevoelstemperatuur vanaf -6 graden te stoppen met werken.

Van de deelnemers aan de enquête geeft 96 procent aan op de hoogte te zijn van deze regel.

Bij 75 procent is op de bouwplaats een gevoelstemperatuur van -6 graden geconstateerd, zo wijst het onderzoek verder uit. Van de bouwvakkers zegt 28 procent dat de werkgever de bouwplaats winterklaar heeft gemaakt, terwijl dit bij 36 procent juist niet het geval was. Dertien procent geeft aan het niet te weten.

De bond kreeg tijdens de vorstperiode dagelijks signalen dat werkgevers mensen toch in de kou lieten doorwerken.  Ook bleek dat bouwvakkers vaak geen gebruikmaken van hun recht te stoppen met werken uit angst hun baan te verliezen.

Regels

Bouwend Nederand zegt in een reactie dit signaal serieus te nemen. De bouwkoepel roept zijn leden op zich aan de regels te houden en wijst erop dat werkgevers door beschermende maatregelen te nemen, zoals het afschermen van de bouwplaats met zeilen en het inzetten van warmtekanonnen, mensen aan het werk kunnen houden.