DEN HAAG - In de Tweede Kamer gaan stemmen op om de aparte inkomensregeling voor kunstenaars (WWIK) die het kabinet wil afschaffen, samen te voegen met de startersregeling in de bijstand (BBZ).

Een voorstel van Tweede Kamerlid Mariko Peters van GroenLinks hiertoe noemden regeringspartijen VVD en CDA woensdag het onderzoeken waard. Staatssecretaris Paul de Krom (Sociale Zaken) zegde vervolgens toe ernaar te kijken.

Volgens PvdA, SP, GroenLinks en D66 is de WWIK succesvol en zou afschaffing leiden tot een groter beroep op de bijstand.

De oppositiepartijen zien de afschaffing van de kunstenaarsregeling als een zoveelste aanval van dit kabinet op de kunstsector, terwijl de regeling beter zou werken dan de bijzondere bijstand voor zelfstandigen (BBZ).

Aanvulling

Met de WWIK kunnen kunstenaars nu nog binnen een periode van 10 jaar maximaal 4 jaar een aanvulling op hun inkomen krijgen. Vorig jaar bleek uit onderzoek dat 94 procent van de kunstenaars na afloop van de regeling geen beroep meer op de bijstand doet.

Maar De Krom benadrukte dat het gaat om een principekwestie van het kabinet, dat zo veel mogelijk af wil van aparte regelingen voor bepaalde groepen.

Peters van GroenLinks diende uiteindelijk met VVD-collega Malik Azmani een motie in die de staatssecretaris vraagt te onderzoeken welke succesvolle elementen van de WWIK toegevoegd kunnen worden aan de algemene startersregeling in de bijstand.

Niet eenvoudig

PvdA-Kamerlid Hans Spekman steunt deze motie van GroenLinks en VVD wel , maar hij vraagt zich af of het mogelijk is. Volgens hem gaat het om zeer verschillende regelingen. Bovendien zijn niet alle kunstenaars zelfstandig ondernemers. Zo wees hij erop dat dansers vaak deels ook in loondienst werken.

De Krom wil het graag onderzoeken, maar hij noemde het niet eenvoudig. Daarbij wees hij onder meer op de punten die Spekman had genoemd.

Hij zei de Kamer ook niet te kunnen antwoorden voor behandeling van de begroting Sociale Zaken voor volgend jaar, waarin de afschaffing van de WWIK al staat gepland.