AMSTERDAM – De verschillende generaties op de werkvloer vinden dezelfde waarden belangrijk en hebben voorkeur voor hetzelfde type manager.

Dat blijkt uit het onderzoek van twee masterstudenten van Nyenrode Business Universiteit, onder 900 personen die voornamelijk werkzaam zijn in de financiële sector.

Er blijkt wel een verschil in het belang dat de generaties hechten aan deze waarden en manier van leiderschap. Hoe jonger de generatie, hoe hoger de verwachtingen van het werk en van de manager zijn, zo blijkt uit het onderzoek.

Werk en privé

Alle generaties hechten het meest aan de balans tussen werk en privé. Iets betekenisvol doen met een lange termijn impact staat op de tweede plaats. Een goede werksfeer wordt ook als erg belangrijk ervaren, vooral generatie Y (geboren na 1980), hecht hier sterk aan. Ook wil deze jongste generatie meer zekerheid dan hun Babyboomers (geboren tussen 1946-1964).

Over de managers zijn de generaties het eens: een leider die inspireert, stimuleert, uitdaagt en coacht is ideaal.

Generatie X

Generatie X (geboren tussen 1965-1980) zit qua verwachtingen van de werksfeer, de fysieke werkomgeving en hun carrièreontwikkeling tussen generatie Y en de Babyboomers in. Zij verwachten minder dan generatie Y maar meer dan hun voorgangers.

Voor X-ers is de beloning het belangrijkste aspect van hun werk, ook opvallend is dat deze generatie veel persoonlijke vrijheid op het werk wenst. Ze zijn minder loyaal naar hun werkgevers dan de oudste en jongste generatie en hechten belang aan flexibiliteit binnen de baan.

Babyboomers

Babyboomers, die zich nu vaak in de laatste fasen van hun carrière bevinden, hechten opvallend veel belang aan hun loopbaan ontwikkeling. Na de aangename werkomgeving en goede werksfeer is dit voor hen het meest belangrijke aspect in hun baan.

Ook willen ze al hun capaciteiten gebruiken en zich niet laten begrenzen door de werkomschrijving. Ze willen zelf dingen opzetten waar de werkgever baat bij heeft en die zij als een erfenis voor het bedrijf kunnen achter laten.