AMSTERDAM - Jongeren in de leeftijdscategorie 18-24 jaar zijn angstig wat betreft materiële zaken zoals een baan, carrière en geld. Dit in tegenstelling tot jongeren van vijf jaar geleden, die veel vrijer waren en waarbij geen berg te hoog was.

Dit blijkt uit wereldwijd onderzoek dat werd gedaan onder 7500 jongeren door mediabureau Initiative.
 
Opvallend is dat deze 18-24 jarigen alle kenmerken van hun ouders hebben, waarbij angst de meest opmerkelijke is. Een mogelijke oorzaak hiervoor is het feit dat ruim de helft (52 procent) nog bij hun ouders woont en daardoor angsten van hen overneemt.

Onzekerheden

"We hebben het hier over een generatie jongeren die eigenlijk helemaal niet ‘jong’ denkt. Sociale, economische en technologische veranderingen laten hun sporen na bij deze jeugd. De economische crisis, hogere ziektekosten en andere onzekerheden; het zijn allemaal zaken die effect hebben op hun denken en doen", aldus Olaf Michielse, directeur Initiative Group.

Angst voor de toekomst

Uit het onderzoek komt naar voren dat jongeren in Italië en Hongarije het hoogst scoren qua ‘angst voor de toekomst’.

Nederlandse en Australische jongeren scoren hier relatief het laagst. Dit komt door het feit dat de recessie nog geen directe consequenties heeft gehad voor de Nederlandse jongeren: 71 procent van de Nederlandse jongeren geeft aan dat de crisis geen directe impact heeft gehad op hun leven, terwijl het gemiddelde van alle respondenten op 56 procent ligt.

Naar verwachting zal het angstniveau over de toekomst onder Nederlandse jongeren toenemen naarmate het regeringsbeleid en de financiën ingrijpen op hun leven.

Levensbelangen

Door het lage angstniveau over hun huidige financiële situatie, zijn de levensbelangen en waarden van Nederlandse jongeren ook afwijkend: slechts 22 procent denkt dat carrière belangrijk is (wereldgemiddelde: 36 procent) en nog minder (14 procent) acht welstand belangrijk (wereldgemiddelde: 23 procent).