Volgens minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) zijn we pas beschermd tegen het coronavirus als er een vaccin is. Maar hoe wordt een vaccin eigenlijk ontwikkeld en wat zit erin? NU.nl kijkt in een vierdelige serie naar dit soort vragen. In deel twee: hoe werken de belangrijkste potentiële coronavaccins?

Om deze vraag te beantwoorden leggen we de belangrijkste technieken van de vaccins die in de laatste onderzoeksfase zitten uit. Deze vaccins worden nu onder duizenden mensen getest.

Alle vaccins werken volgens hetzelfde basisprincipe: met een vaccin train je het immuunsysteem, zodat, wanneer je later in aanraking komt met het virus waartegen je bent gevaccineerd, je niet ziek wordt. Dit wordt immuniteit genoemd.

Zo werken vaccins

Immuniteit tegen een virus kan je op twee manieren opbouwen: door een vaccin dus, of door besmet te raken met het virus zelf.

Als je besmet raakt met een virus identificeert het lichaam, als het goed is, antigenen. Dit zijn uitsteeksels aan de buitenkant van een virus. Als reactie op deze antigenen worden er door het lichaam antistoffen gemaakt. Deze kunnen het virus snel onschadelijk maken als je in de toekomst opnieuw in aanraking komt met hetzelfde virus.

Met een vaccin probeer je deze immuunreactie na te bootsen, maar dan zonder iemand bloot te stellen aan een gevaarlijk virus. Er zijn meerdere manieren om dit te doen. Anke Huckriede, hoogleraar Vaccinologie aan de Rijksuniversiteit Groningen, wijst NU.nl op een artikel in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTVG), waarin ze uitlegt hoe de potentiële coronavaccins werken.

Geïnactiveerd virus

Er zitten drie Chinese vaccins met geïnactiveerd virus in de laatste onderzoeksfase. 'Geïnactiveerd' betekent dat het virus niet meer in staat is zich te vermenigvuldigen. Hierdoor kan het virus je niet meer ziek maken. Het immuunsysteem kan wel reageren op geïnactiveerd virus en antistoffen aanmaken tegen het virus.

Huckriede schrijft in het NTVG dat voor dit type vaccins grote hoeveelheden virus moeten worden geproduceerd en moeten worden geïnactiveerd. Dit is een belangrijk nadeel van deze technologie. Je moet volgens strenge veiligheidsregels werken en je moet er zeker van zijn dat echt geen enkel virusdeeltje zich nog kan vermenigvuldigen. Anders kan je per ongeluk een nieuwe coronavirusuitbraak veroorzaken.

Deze vaccintechniek is wel een beproefde techniek die al sinds de jaren zeventig wordt gebruikt. Het poliovaccin dat in Nederland onderdeel is van het Rijksvaccinatieprogramma bevat bijvoorbeeld geïnactiveerd virus.

Het coronavaccin komt eraan, maar kom jij wel aan de beurt?
252
Het coronavaccin komt eraan, maar kom jij wel aan de beurt?

Adenovirussen

Maar liefst vier van de negen coronavaccins die in de laatste onderzoeksfase zitten, maken gebruik van een aangepast adenovirus. Adenovirussen zijn op elkaar lijkende virussen die zowel bij mensen als bij sommige dieren voorkomen. De virussen kunnen milde luchtwegklachten en darmklachten veroorzaken.

Vaccins met adenovirus werken als volgt: het adenovirus wordt aangepast zodat je er niet ziek van kan worden én het adenovirus wordt zodanig veranderd dat, eenmaal ingespoten, het ervoor zorgt dat er antigenen van het coronavirus worden aangemaakt.

Van alleen deze antigenen kan je niet ziek worden, maar als reactie op de antigenen maakt het lichaam wel antistoffen tegen het coronavirus aan. Hierdoor word je mogelijk immuun.

Volgens Huckriede is een nadeel van deze techniek dat je door eerdere besmettingen mogelijk al immuun bent tegen de gebruikte adenovirussen. Dit kan ervoor zorgen dat het vaccin minder goed werkt. Dit is een van de redenen dat de Universiteit van Oxford bijvoorbeeld geen adenovirus gebruikt dat bij mensen voorkomt, maar een dat bij chimpansees voorkomt.

RNA-vaccins

De laatste techniek is het RNA-vaccin. Het vaccin van het Amerikaanse Moderna en het vaccin van het Duitse BioNTech en het Amerikaanse Pfizer maken gebruik van deze techniek. Bij dit type vaccin wordt een deel van het genetisch materiaal van het coronavirus in een pakketje vetten ingepakt. Dit pakketje kan cellen binnengaan. Eenmaal in de cel zorgt het genetisch materiaal ervoor dat er alleen corona-antigenen worden geproduceerd. Er kan geen compleet coronavirus worden geproduceerd.

Vervolgens werkt dit vaccin net zoals adenovirusvaccins: als reactie op de corona-antigenen worden antistoffen aangemaakt en deze zorgen, als het vaccin goed werkt, voor immuniteit.

Een belangrijk voordeel van deze techniek is dat het genetisch materiaal in het lab kan worden geproduceerd en je geen complete virussen hoeft te kweken. Een belangrijk nadeel is dat dit een nieuwe techniek is en bij mensen nog niet beproefd is op grote schaal. Er is op dit moment nog geen voor mensen goedgekeurd RNA-vaccin.

Werkzaamheid nog onderzocht

De vaccinontwikkelaars die nu in de laatste onderzoeksfase zitten, hebben al voorlopige resultaten van onderzoeken gepubliceerd. Op basis hiervan is niet te zeggen welk vaccin of welk vaccintype beter beschermt tegen het coronavirus. Daar moet het onderzoek dat nu loopt onder grote groepen mensen antwoord op gaan geven. Verschillende vaccinontwikkelaars hebben aangegeven dat ze voor het einde van het jaar weten of hun vaccin werkt.

Volgende week vrijdag volgt deel drie in deze vierdelige serie.
Lees hier deel één terug.